Italiaans/Inhoudsopgave

Uit Wikibooks
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Italiaans

Inleiding
  1. Inleiding op de cursus
Lessen
  1. Alfabet en uitspraak
  2. Regelmatige werkwoorden
  3. Lidwoorden en venire
  4. Voltooid tegenwoordige tijd en delend lidwoord
  5. Wederkerende werkwoorden
  6. Bijvoeglijk naamwoord, bezittelijk voornaamwoord
  7. Andare, teksten lezen en klokkijken
  8. Getallen, tenere en dovere
  9. Voorzetsel, rimanere, uscire en stare
  10. Meewerkend voorwerp, vraagwoorden en dare
  11. Bijwoord, onbepaald voornaamwoord, toekomende tijd
  12. Gebiedende wijs, rangtelwoorden
  13. Verleden tijd
  14. Vergelijking en bere
  15. Ci en ne
  16. Onvoltooid deelwoord
  17. Persoonlijk voornaamwoord
  18. Congiuntivo en passivum
  19. Condizionale en voegwoorden
  20. Afsluitend examen
  21. Einde
Toetsen
  1. Toets les 2 en 3
  2. Eindexamen
  3. Luistertoets
Overig
  1. Nuttige woorden
  2. Grammatica
  3. Grammatica-overzicht
  4. Woordenlijst
  5. Cultuur en eetgewoonten van Italië
  6. Huurcontract
  7. Meningen
  8. Antwoordenboek
Auteurs
  1. Dion
  2. Hansmuller


De taal[bewerken]

Punta della Dogana e Santa Maria della Salute, Venezia
Piazza Duomo, Milano

Het Italiaans is een Romaanse taal die verwant is aan het Frans, Portugees, Roemeens en Spaans. Kunsttalen, zoals Interlingua en Esperanto zijn veelal (deels) van het Italiaans afgeleid. Italiaans is de directe opvolger van het Latijn. Het Italiaans wordt als officiële taal gesproken in Italië, Zwitserland, San Marino en Vaticaanstad. Vanwege het koloniale verleden werd er Italiaans gesproken in onder meer Libië, Somalië en Ethiopië. Er zijn Italiaanse minderheden in Zwitserland, Kroatië, Frankrijk, Amerika, Slovenië en Tunesië, samen in totaal zo'n 62 miljoen Italiaanssprekenden. (Vergelijk met 42,8 miljoen eerste- en tweedetaalsprekers Nederlands en het verwante Afrikaans.)

In de praktijk spreken vele Italianen van huis uit een plaatselijk dialect, hun streektaal - het Italiaans leren ze op school. Dit officiële Italiaans is het dialect van Florence, dat vanwege het prestige van Florentijnse schrijvers als Dante Alighieri en Boccaccio tot nationale taal is verkozen. Voorbeelden van de vele dialecten zijn het Romanesco (Romeins), het Siculu (Siciliaans) en het Lumbaart (Lombardisch). Het Sardijns wordt sinds kort als zelfstandige Romaanse taal beschouwd.

Als boutade over het aantal Italiaans sprekende mensen zegt men wel eens dat er "twee Italiës" zijn: alle Italianen die in Italië wonen en op school Italiaans geleerd hebben, maar ook de velen buiten Italië die de taal beheersen. Vooral de afstammelingen van de emigranten die het vroeger arme vaderland verlieten om in andere landen een toekomst op te bouwen. Zij kunnen de taal soms alleen nog spreken, maar niet meer correct schrijven. Bij elkaar kom je dus aan twee Italiës: "tutti gli italiani" (uitspraak toeti lji italiani, alle Italianen) in het moederland en een grote groep Italia-liefhebbers in de rest van de wereld.

Het Nederlands kent meer klanken dan het Italiaans, bijvoorbeeld onze "eu" (de Italiaanse uitspraak van de letters eu is è-oew zoals in euro, "è(oe)wro"). Italianen spreken alle letters van een woord uit, maar doordat ze over het algemeen in elkaar overvloeien met het uitspreken is het voor beginners vaak moeilijk om vanuit het gesproken woord het juiste geschreven woord te vinden. Maar het is voor Nederlanders wel weer makkelijker om Italiaans uit te spreken, dan voor Italianen het Nederlands.

Het land[bewerken]

Italia is een land dat al eeuwen befaamd is onder vakantiegangers. Het lekkere weer, de prachtige cultuurschatten en het gastvrije volk trekken al eeuwen miljoenen mensen. Italië heeft een verleden gekenmerkt door vele pieken en dalen. Neem bijvoorbeeld de Renaissance en de Tweede Wereldoorlog. In de Renaissance was Italië het rijkste land ter wereld (bron?) maar in de Tweede Wereldoorlog was het een bondgenoot van de nazi's.

Pseudo-Italiaans[bewerken]

In het Nederlands kennen we pseudo-Italiaanse woorden[1], woorden die Italiaans lijken, maar niet correct Italiaans zijn en die we dus moeten vermijden als we Italiaans spreken en schrijven. Bijvoorbeeld

Pseudo-Italiaans Nederlandse betekenis Italiaanse betekenis
alpino pet alpenjager (militair)
cello violoncello -
grosso modo (twijfelgeval) grofweg grosso modo of grossomodo: grofweg (op Italiaanse wiki, maar anders dan in het Nederlands in het Italiaans zeldzaam en ongebruikelijk)
picobello (grappig) piekfijn picco bello: mooie bergpiek
prima goed, in orde (bijwoord) eerder, vroeger
Wel (toevallig?) goed is prima in de zin van eerste met een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: van prima kwaliteit di prima qualità, prima is hier de vrouwelijke vorm van het bijvoeglijk naamwoord primo = eerste, beste
sopranino (zelfstandig naamwoord) hogere variant van muziekinstrumenten wel bijvoeglijk gebruikt in bijvoorbeeld Sassofono sopranino op Italiaanse wiki, Violino sopranino op Italiaanse wiki
tuttifrutti gerecht van zuidvruchten Wel tutti i frutti (alle vruchten), maar Tutti Frutti is voor Italianen een rocknummer van Little Richard!

Literatuur[bewerken]

Vele uitgaven, onder meer

Woordenboeken[bewerken]

Kaart Italië.png
  • Lindt, H.J.: Kramer's woordenboeken Italiaans/Nederlands Nederlands-Italiaans, Amsterdam 1987 en later
  • Schram-Pighi, L. e.a., Prisma Woordenboek Italiaans Nederlands, 10° druk, Het Spectrum, Utrecht, 2001
  • Lo Cascio, V.: Van Dale Handwoordenboek Italiaans-Nederlands en Nederlands-Italiaans, Zanichelli Dizionario Italiano-Neerlandese en Neerlandese-Italiano, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen, Zanichelli, Bologna (twee dikke delen, ongeveer 2x 1000 bladzijden, uitvoerigste woordenboek voor professioneel gebruik)

Voor gevorderden kunnen Italiaans-Italiaanse (school)woordenboeken interessant zijn, bijvoorbeeld

  • Dizionario Garzanti della lingua italiana, Aldo Garzanti Editore, allerlei uitgaven
  • Mari, Roberto: Il mio primo dizionario. Dizionario di base della lingua italiana, Giunti Gruppo Editoriale, Firenze 1998 en later

Thematisch geordende woordenboeken (Italiaans ↔ Engels of Duits) aan de hand van afbeeldingen zijn

  • The Oxford-Duden Pictorial Italian and English dictionary, Clarendon Press Oxford, 1995 en later
  • Dizionario illustrato tedesco e italiano / Bildwörterbuch Deutsch und Italienisch, Duden-Zanichelli ISBN 88-08-09370-0

Grammatica's, leerboeken[bewerken]

  • Heijmans-Tromp, I.: Italiaanse grammatica, Van Loghum Slaterus, Deventer, 1964/1973/1985 (wat ouder boek voor universitair gebruik)
  • Möller, K.A., Italiaans voor dummies
  • Italiaans voor dummies op reis

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

Taalcursus[bewerken]

Italiaanse radio on-line[bewerken]

Noten[bewerken]

  1. Nicoline van der Sijs: Chronologisch woordenboek, p. 310 op dbnl.org
Cursussen van Indo-Europese talen
Afrikaans - Catalaans - Deens - Duits - Engels - Frans - Fries - Gotisch - Gronings - Italiaans - Latijn - Litouws - Nederlands - Nieuwgrieks - Noors - Oudgrieks - Perzisch - Pools - Portugees - Tsjechisch - Roemeens - Russisch - Sloveens - Spaans - Vroegmodern Engels - Welsh - West-Vlaams - Zeeuws - Zweeds
Informatie afkomstig van http://nl.wikibooks.org Wikibooks NL.
Wikibooks NL is onderdeel van de wikimediafoundation.