Trotski voor beginners/En hoe ziet Trotski de onteigening nationalisatie

Uit Wikibooks
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
  1. Wat is het trotskisme
  2. Wie was Leon Trotski
  3. Waaruit bestaat het trotskistische gedachtegoed
  4. Wat is de permanente revolutie
  5. Wat houden de glijdende loonschaal en de glijdende uurschaal in
  6. Hoe ziet de trotskistische radendemocratie eruit
  7. Wat houdt het verbond van arbeiders en boeren in
  8. Wat is arbeiderscontrole
  9. Wat houdt een democratische planeconomie in
  10. En hoe ziet Trotski de onteigening/nationalisatie
  11. Hoe zag Trotski de emancipatie van vrouw en kind
  12. Waar is het trotskisme tegen
  13. Wat had Trotski tegen opportunisme
  14. Wat had Trotski tegen sektarisme
  15. Wat had Trotski tegen het revisionisme
  16. Wat had Trotski tegen het imperialisme
  17. Maar is de permanente revolutie dan geen imperialisme
  18. Wat had Trotski tegen het fascisme
  19. Wat had Trotski tegen het stalinisme
  20. Wat had Trotski tegen religie
  21. Wat is het trotskisme vandaag
  22. Waar heeft Trotski nog meer over geschreven

Trotski voor beginners

Het overgangsprogramma bevat veel argumenten voor het nut van nationalisatie. Dit houdt in dat al het kapitaal – bedrijven, industrie, winkels e.d. – in het bezit komt van de staat, anders gezegd: het wordt gemeenschappelijk bezit. Ook ‘afzonderlijke kapitaalsgroepen’ zoals rijke families, worden onteigend.

Trotski houdt de volgende punten aan bij de onteigening:

  • Afwijzing van de schadeloosstelling.
  • Waarschuwing voor de massa’s voor "de charlatans van het volksfront, die in woorden nationalisatie voorstellen, maar in werkelijkheid agenten van het kapitaal blijven."
  • Oproep tot de massa’s zich allen op hun revolutionaire kracht te verlaten.
  • Verbinding van "het probleem van de onteigening met de vraag van de macht van arbeiders en boeren.

Op deze manier zou de onteigening goed verlopen; het proletariaat en de boeren hadden er veel baat bij, en doordat de oude bourgeoisie hun bezittingen grotendeels verloor, behoorden zij daarna in feite ook tot de arbeidersklasse. Ook de banken moesten in het bezit komen van de staat. “Ze verwezenlijken wonderen van techniek, reusachtige ondernemingen, machtige trusts, maar ze veroorzaken ook de hoge prijzen, crisis en werkloosheid.”Volgens Trotski zitten er dus zoveel nadelen aan onafhankelijke banken, dat staatscontrole nodig is. "Om een uniform, volgens een oordeelkundig plan opgebouwd en in het belang van het hele volk werkend investerings- en kredietsysteem te scheppen, moeten alle banken tot één enkel nationaal instituut verenigd worden."Een staatsbank, gevormd uit alle reeds bestaande banken, was het doel van Trotski.

Informatie afkomstig van https://nl.wikibooks.org Wikibooks NL.
Wikibooks NL is onderdeel van de wikimediafoundation.