Leer jezelf ecologisch tuinieren/Snijboon
Uit Wikibooks
Klik op een foto voor een vergroting. Ander gewas? Zoek in het Register
Er zijn stok- en stamsnijbonen. De stoksnijboon geeft hogere opbrengst en is sterker, de stamsoorten hebben als voordeel dat je er beter bij kan en geen stokken nodig hebt.
| Familie: Vlinderbloemen (Leguminosae) Soort: Phaseolus vulgaris |
|||||||||||||||
| Geschikt als: {{{geschikt}}} | |||||||||||||||
Info |
Wortel: | ||||||||||||||
Info |
Stengel: | ||||||||||||||
Info |
Blad: | ||||||||||||||
Info |
|||||||||||||||
Info |
Bloei: Bloem: |
||||||||||||||
Info |
Vrucht: | ||||||||||||||
| Hoogte: ± cm. | |||||||||||||||
Info |
|
||||||||||||||
Info |
Goede buren voor deze plant zijn: Aardappel, aardbei, afrikaantje, andijvie, dille, goudsbloem, komkommer, kool, maïs, peterselie, raap, rode-biet, schorseneer, selderij, sla, spinazie, tomaat, tuinboon, wortel. |
||||||||||||||
Info |
Slechte buren voor deze plant zijn: Erwt, knoflook, ui, venkel. |
||||||||||||||
Info |
Deze plant weert: Coloradokever. |
||||||||||||||
Info |
Deze plant lokt en/of is vatbaar voor: Bonenkever, vlekkenziekte. |
||||||||||||||
| Gebruik: | |||||||||||||||
| Recepten vind je in het Kookboek. | |||||||||||||||
| Wordt als geneeskrachtig gezien bij | |||||||||||||||
| Let op! | |||||||||||||||
| Vragen en/of antwoorden over Snijboon? |
Een verklaring van de gebruikte afkortingen en de symbolen bij zon en water vind je hier.
| Maan(d) | Werk | KK | KT | LT | VW | ZD | PA | RA |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 5 WM | Zaaien: Pas zaaien als het vorstgevaar is geweken. Geen mest, wel veel zaagsel om de grond luchtig te houden tegen rotten. Zaai 7 bonen per stok en hou daar 5 van over. |
3 | 10 | 1 | 2 | |||
| 10 | 50 | |||||||
| 8-11 | Oogsten en bewaren: Als de bonen geel worden de bossen uittrekken en als bossen ophangen onder een afdak in de wind om te drogen. Paar dagen in de vorst laten hangen tegen de bonenkever. In november de bonen afplukken en verder laten drogen. In februari in een jute zak doen en de zaden eruit kloppen. |
|||||||
| 7 | Vermeerderen: Pluk geen peulen van de planten die voor zaadwinning geselecteerd zijn. Selecteer op draadloosheid, ongunstige weersomstandigheden, vroegheid, opbrengst en kwaliteit. Goede vorm en dikvlezig en let op vlekkenziekte want die gaat mee over in het zaad. Als je meerdere rassen hebt (of uit wil proberen) kies vermeerder dan met de soort die na invriezen het aroma bewaart, sommige soorten zijn alleen voor vers gebruik. Een groot wortelgestel zorgt voor betere weerstand tegen droogte. Kies planten met peulen waarin de meeste boontjes zitten. Verwijder zieke planten. Als de planten geel worden en de peulen bruin verdrogen, trek je de hele plant uit (let op de grootte van het wortelgestel) en drogen in een luchtige droge ruimte. In november pluk je de peulen voorzichtig af en bewaar die met de meeste zaden. In februari dop je de peulen en je bewaart de grootste en mooiste zaden. De bonenkever kan ernstige schade toebrengen. In de winter ontwikkeld die zich (eitje-larve-kever) in een warme omgeving, maar vriest dood. Laat dus de peulen goed uitgespreid enkele dagen bij vorst buiten liggen om de eitjes en larven te doden. Van stokbonen knip je de stengel van de peulen met de meeste en grootste zaden bij 1,70 mtr hoogte in. |
Z |
| Meer afbeeldingen over dit onderwerp vindt u bij Phaseolus vulgaris op Wikimedia Commons |
| Wikipedia heeft een encyclopedisch artikel over Snijboon |