Sociale geschiedenis in de literatuur 1500-1795/Barok

Uit Wikibooks
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Inhoudsopgave
  1. Middeleeuwen
  2. Renaissance
  3. Barok
  4. Classicisme
  5. Memoire en journaal
  6. Engels dagboek
  7. Medisch journaal
  8. Roman
  9. Bronnen en links

3. Barok

Inleiding[bewerken]

De barok was een stroming in de westerse cultuur die bestond tussen circa 1600-1750[1]. Het woord komt van het Portugese woord "barroco" (grillig gevormde parel). In de letterkunde werd de term "barokliteratuur" pas in de twintigste eeuw ingevoerd.

In ongeveer dezelfde tijd dat vooral in Frankrijk het rationele classicisme opgang maakte, heerste de emotionele barok vooral in Italië en Vlaanderen[2][3].

De barok was net zo op het aardse gericht als de Renaissance maar de mens was niet langer de maat van alles. De mens werd nu gezien als zwak en nietig. Zijn leven was onzeker, niets dan schijn ('vanitas') en droom (Calderón, Het leven is een droom). Al het bestaande was vergankelijk. Daarom verlegde de mens zijn aandacht (die hij in de Renaissance van God naar de mens had verlegd) weer terug naar God en het hiernamaals. De angst voor de dood zou door de religie genezen kunnen worden.

De barok was dynamisch, uitbundig en aards. De kunstenaars lieten zich liever leiden door hun verbeelding en emoties dan door verstandelijke overwegingen. Met irrationele middelen probeerden ze hun bewogenheid op andere mensen over te dragen: daarom zochten ze naar felle contrasten en naar theatrale effecten. Ze gebruikten een overdaad aan details, kleuren, vormen en klanken. Ze gebruikten een veelvoud van technieken, zoals de metafoor en de allegorie en vaak ook nog in combinatie met elkaar om de effecten te versterken.

De barok zou voornamelijk zijn voorgekomen in katholieke (contragereformeerde) landen en het classicisme voornamelijk in protestantse landen[4].

Literatuur, theater en poëzie[bewerken]

In de barokliteratuur was het thema vaak de dood en het onherroepelijke verstrijken van de tijd. De barokliteratuur speelde met illusies zoals travestie, vermomming, de droom, de slaap, de spiegel en mysterieuze personages. Een ander thema was het menselijk lichaam. Er was vaak sprake van seksueel realisme (de Viau, Góngora, de metaphysicals, Hofmannswaldau).

In het baroktheater werd de ijdelheid van het aardse bestaan getoond en werden allerlei overdadige intriges uitgesponnen. Het baroktheater prefereerde de emotie, zelfs de buitensporige emotie boven het verstand. Het beschreef het veranderlijke, de complexiteit en de paradox. De waarheid werd tegenover de leugen geplaatst, de werkelijkheid tegenover de droom en de illusie, het groteske tegenover het sublieme en het leven tegenover de dood.

In de barokpoëzie werden het sonnet en de ode vaak gebruikt. Deze poëzie was niet gebonden aan dogma's of principes. Paul Scarron, schreef burleske verzen met oneerbiedige parodieën op de helden en goden van de mythologie die in de heersende literatuur een grote rol speelden.

Vertegenwoordigers[bewerken]

Bronnen[bewerken]

Noten[bewerken]

  1. De jaartallen zijn zeer globaal en verschillen van streek tot streek.
  2. In Frankrijk bestond weinig echte barok vóór het classicisme en er zijn weinig grote namen uit de Franse barokliteratuur bekend.
  3. Het classicisme wordt ook wel gezien als de rationele vorm van de barok.
  4. Maar Frankrijk was tussen 1500-1795 voornamelijk katholiek (en classicistisch) en Duitsland was voornamelijk protestants (en barok).
  5. Corneille alleen in zijn beginjaren.
Informatie afkomstig van http://nl.wikibooks.org Wikibooks NL.
Wikibooks NL is onderdeel van de wikimediafoundation.