Onderwijs in relatie tot P2P/Commonificatie van openbare diensten

Uit Wikibooks
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Om het concept commonificatie van openbare diensten te duiden is het nodig om eerst de begrippen ‘openbare diensten’ en ‘commons’ te omschrijven.

Openbare diensten zijn publieke diensten, ze maken deel uit van de publieke sector (Wikipedia, z.d.) die zowel overheidsorganisaties als semi-overheidsorganisaties omvat. Overheidsorganisaties zijn organisaties die in naam van de overheid allerlei taken uitvoeren (dienstverlening), bv. ministeries, gemeenten, politiediensten, … Semi-overheidsorganisaties zijn organisaties die aanspraak kunnen maken op overheidsgeld als ze aan bepaalde voorwaarden voldoen zoals het uitvoeren van wettelijke taken, het publiek belang dienen en publieke financiering ontvangen, bv. energie, openbaar vervoer, onderwijs, …

Commons (Wikipedia, z.d.) omvatten de culturele en natuurlijke bronnen die toegankelijk zijn voor alle leden van de maatschappij, bv. lucht, water, bewoonbare aarde, sommige software, … Commons zijn dus het gemeengoed.

De synthese van deze twee begrippen leidt dan tot ‘commonificatie van openbare diensten’. Commonificatie van openbare diensten heeft tot doel het invullen van ieders behoefte door gelijke toegang voor iedereen tot openbare diensten zonder afbreuk te doen aan de fundamentele rechten van één ieder. Dit wil niet zeggen dat de gebruikers van de commons het volledige beheer van de openbare diensten in handen hoeven te krijgen, maar wel dat deze gebruikers zo veel mogelijk zeggenschap krijgen in het beheer van die commons, aldus Bauwens en Lievens (2013, p. 113).


Commonificatie en P2P[bewerken]

Bauwens en Lievens (2013, p. 22,37,112-116) stellen dat bij P2P niet langer het duaal model van de staat versus de privésector voorop gesteld wordt, maar eerder de vraag in welke mate gebruikersgroepen medezeggenschap krijgen. De publiek-private samenwerking wordt dan vervangen door de publiek-commonssamenwerking. Dit veronderstelt dat elk individu kan bijdragen aan een gemeenschappelijk project. De validatie door de gemeenschap is dan de kwaliteitscontrole. Ze pleiten niet voor de afschaffing van de staat, maar ze zijn voorstander van een verdere democratisering die leidt tot een partnerstaat. “Een publiek-commonssamenwerking moet daarom een evenwicht vinden tussen de entiteit die het algemeen belang regelt en het gebruikersbeheer op plaatselijk vlak” (Bauwens & Lievens, 2013, p. 114). Concluderend kan gesteld worden dat de commonificatie van openbare diensten een peer-to-peer systeem is met een democratisch aspect, meer nog, er is sprake van een polyarchie. Een polyarchie betekent een heerschappij van velen. Wanneer we kijken naar de huidige hiërarchische rangen in privé-organisaties en overheidsinstanties kunnen we volgens Bauwens en Lievens (2013, p. 112-116) niet spreken in termen van democratie. Ze spreken over een nog steeds heersende feodale structuur. Daarentegen wordt met peer-productie ‘democratie’ geïntroduceerd in het productieproces want het individu krijgt enorm veel keuzes en kan autonoom bijdragen. Dus naast de staat en de privésector (het bestaande duaal model) komt er nog een derde partij bij die een stem heeft, nl. de gebruikers van de commons. De drie mechanismen die daaruit voortvloeien in een P2P context zijn dan: polyarchie in de commons, democratie in de verenigingen voor maatschappelijk nut en de ondernemers die waarde creëren rond de commons.

Commonificatie van openbare diensten is dus een P2P systeem en P2P systemen kunnen, zoals Bauwens en Lievens (2013, p. 56-67) stellen, ingedeeld worden in vier kwadranten volgens twee assen en twee polariteiten. De horizontale as loopt van ‘winstgevend/for profit’ (uiterst links) tot ‘doelgedreven/for benefit’ (uiterst rechts). Op de vertikale as bevindt zich onderaan ‘decentralisatie/lokaal’ en bovenaan ‘centralisatie/globaal’. Hierdoor ontstaan er vier kwadranten. In het boek 'De wereld redden' van Bauwens en Lievens (2013, p. 57) worden deze kwadranten visueel weergegeven. Commonificatie van openbare diensten bevindt zich dan rechts op de horizontale as omdat de oriëntatie gericht is op maatschappelijk nut (For Benefit) i.p.v. winst (For Profit). De situering op de verticale as kan zowel globaal (Global Commons) als lokaal (Lokale Veerkracht) georiënteerd zijn.

Om dit nog meer te verduidelijken geeft ook Leyssens (2013) een omschrijving van deze kwadranten gebaseerd op een analyse van Bauwens tijdens een workshop voor Plan C. Hij omschrijft beide kwadranten als volgt: "Een global commons-systeem is een systeem dat op een centrale plaats georganiseerd wordt maar met als doel de gebruikers in staat te stellen van de diensten gebruik te maken. […] De waarde van het systeem wordt gegenereerd door de gebruikers, en output van het systeem staat ook ten dienste van de gebruikers (niet per se dezelfde gebruikers)". En verder stelt hij: "In het laatste kwadrant vinden we decentrale doelgedreven systemen terug. Deze systemen bevinden zich traditioneel in de transitie-sfeer. Voorbeelden van deze systemen zijn zaken als stadslandbouwgroepen, buurttuinen, alternatieve (lokale) munten of collectieve aankoopsgroepen. Het doel van deze systemen is het uitbouwen van een veerkrachtige lokale gemeenschap".

Voorbeeld[bewerken]

Een voorbeeld dat Bauwens en Lievens (2013, p. 113) aanhalen in het boek ‘De wereld redden’ is de watervoorziening. Water is een common, een gemeengoed waar iedereen gebruik van zou moeten kunnen maken. Als we het beheer ervan alleen zouden overlaten aan de gebruikers van deze common, dan zouden de regio’s zonder water overgeleverd worden aan de willekeur van de regio’s die wel toegang hebben tot dit gemeengoed. Er is dus bestuur nodig door de regionale of nationale overheid om het geheel te reguleren, maar het plaatselijk beheer kan overgelaten worden aan de lokale gemeenschap.

Een tweede voorbeeld heeft betrekking op het gebruik van hout. Hout is een common, een gemeengoed dat aangewend kan worden voor het maken van papier, meubels, ... Om ervoor te zorgen dat iedereen, nu en in de toekomst, gebruik kan maken van deze common is er een beleid nodig dat gestuurd wordt door een hogere overheid. Maar ook hier kan het plaatselijk beheer overgelaten worden aan de gebruikers van deze common. Het Forest Stewardship Council (FCS) is een concrete uitwerking van dit voorbeeld. Het is een publiek-private-commons samenwerking, een internationale non-profit organisatie die opgericht werd door boseigenaars, sociale bewegingen, hout- en papierbedrijven en milieuorganisaties. Dit initiatief streeft naar een wereldwijd verantwoord bosbeheer volgens strikte sociale, ecologische en economische criteria. Op de website van FSC wordt duidelijk hun missie/visie geformuleerd: “The world’s forests meet the social, ecological, and economic rights and needs of the present generation without compromising those of future generations. The Forest Stewardship Council A.C. (FSC) shall promote environmentally appropriate, socially beneficial, and economically viable management of the world's forests” (website FSC, z.d.). De gebruikers van deze common krijgen medezeggenschap in het beheer. Niet alleen de overheid en de privé- eigenaars werken samen, ook de gebruikers slaan mee de handen in elkaar om aan duurzaam bosbeheer te doen opdat toekomstige generaties nog steeds deze bronnen kunnen benutten, een recht voor iedereen, nu en in de toekomst.


Theoretische duiding[bewerken]

Het concept ‘commonificatie van openbare diensten’ werd voor het eerst geïntroduceerd door de Italiaanse commons-activist Tommaso Fattori. Hij omschrijft het concept ‘commonificatie van openbare diensten’ als volgt: "Commonification of public services means firstly managing the resource to which the service is connected outside of market and profit logic, as a commons to which everyone must be able to have fair access. The objective of the service is not to make a profit – as is frequently the case both in privately-owned management companies and in fully-publicly-owned management companies – but to satisfy individual and collective fundamental needs and ensure the full implementation of fundamental rights of the person and of the collectivity" (website P2P Foundation, z.d.). Commonificatie van openbare diensten betekent dus eerst en vooral dat de dienstverlening losgekoppeld moet worden van de markt- en winstlogica en beschouwd moet worden als een gemeengoed waartoe iedereen gelijke toegang moet kunnen krijgen. Doel is hier niet 'winst maken', maar wel het bevredigen van individuele en collectieve fundamentele noden zodanig dat ieders fundamentele rechten gevrijwaard blijven.

Ook volgens Bauwens en Lievens (2013, p. 191) is het doel van commonificatie van openbare diensten 'het omvormen van openbare diensten tot commons die beheerd worden door de burgers als commoners op basis van de democratische participatie'. Tomasso Fattori (in Bauwens, 2012) gaat dieper in op deze gedachte: "The legal recognition of the sphere of Commons must lead to a delegation of authority and power by the state to commons-based institutions. That is to say, the constitution of self-regulating commons-based institutions must be authorized, protected and legally recognised (starting with the recognition of those which already exist(9).), through which commoners can protect, produce and reproduce Commons and common value" (Bauwens, 2012). Hier zegt hij dat de wettelijke erkenning van het gemeengoedterrein moet leiden tot een overheid die gezag en macht delegeert naar de op gemeengoed-gebaseerde instituties. Dus het bestaan van zelf-regulerende gemeengoed-gebaseerde instituties moet geautoriseerd, beschermd en wettelijk erkend worden (vertrekkende met de erkenning van reeds bestaande instituties, waarbij de gebruikers van het gemeengoed dit gemeengoed en de waarde ervan kunnen beschermen, produceren en herproduceren).

Openbare diensten omvormen zodat ook de gebruikers van de commons medezeggenschap krijgen vereist een partnerstaat met een faciliterende functie. Lotens (2014) sluit hierbij aan. Hij wil pleiten voor een publieke-commons samenwerking, want dit kan leiden tot commonificatie van openbare diensten. Hij stelt: "Maatschappijverandering - transitie naar een sociaalecologische samenleving heet het nu – kan natuurlijk niet enkel steunen op voluntaristische coöperaties en allerhande bewegingen van onderuit. De staat moet een belangrijke rol blijven spelen, niet als een terugwijkende maar als een ondersteunende overheid, die echt moet gaan faciliteren. Er zijn heel veel belemmeringen voor coöperatief ondernemen en bij uitbreiding voor al die vaak kleine, maar hoopvolle bewegingen van onderop. Die obstakels moeten allemaal worden weggenomen. De overheid kan helpen met het bij elkaar brengen van coalities, partijen bij elkaar brengen. De overheid kan helpen met het ontwikkelen van slimme financiële arrangementen. De overheid moet echter niet zelf organiseren maar zorgen dat de burgers dat doen. Dat is de taak van een faciliterende overheid" (Lotens, 2014).

Concluderend uit de bevindingen van deze auteurs kan gesteld worden dat commonificatie van openbare diensten een doorgedreven democratisering, deprivatisering, empowerment en een duurzaam handelen vereist van de drie actoren (overheid, privé en gebruikers van de commons) teneinde ieders sociale, ecologische en economische belangen te behartigen, nu en in de toekomst.


Externe links[bewerken]

Voor “coöperaties” zie: http://www.dewereldmorgen.be/artikels/2014/02/03/over-waterdruppels-grote-getallen-en-de-overheid-het-belang-van-cooeperaties/

Voor “duurzame ontwikkeling” zie: http://www.plan-c.eu/

Voor “Een postkapitalistisch alternatief, waarom en hoe” zie: http://www.hoedanwel.konict.nl/

Voor “WWF” zie: http://www.wwf.org/

Voor “Social Network Unionism” zie: http://snuproject.wordpress.com/


Referenties[bewerken]

Bauwens, M. (2012). Towards a Legal Framework for the Commons by Tommaso Fattori/via Michel Bauwens. Geraadpleegd op 23 oktober 2014, van http://snuproject.wordpress.com/2012/08/15/towards-a-legal-framework-for-the-commons-by-tommaso-fattori-via-michel-bauwens/

Bauwens, M. & Lievens, J. (2013). De wereld redden: Met peer-to-peer naar een postkapitalistische samenleving. Antwerpen, België: Houtekiet.

Commons. (z.d.). In Wikipedia: the free encyclopedia. Geraadpleegd op 24 oktober 2014, van http://en.wikipedia.org/wiki/Commons

Forest Stewardship Council. (z.d.). Geraadpleegd op 24 oktober 2014, van http://us.fsc.org/

Leyssens, J. (2013). Wat is de peer-to-peer economie? Geraadpleegd op 23 oktober 2014, van http://www.plan-c.eu/2013/06/14/wat-is-de-peer-to-peer-economie/

Lotens, W. (2014). Over waterdruppels, grote getallen en de overheid: het belang van coöperatie. Geraadpleegd op 21 oktober 2014, van http://www.dewereldmorgen.be/artikels/2014/02/03/over-waterdruppels-grote-getallen-en-de-overheid-het-belang-van-cooperaties

Publieke sector. (z.d.). In Wikipedia: de vrije encyclopedie. Geraadpleegd op 24 oktober 2014, van http://nl.wikipedia.org/wiki/Publieke_sector

P2P foundation. (z.d.). Commonification of Public Services. Geraadpleegd op 21 oktober 2014, van http://p2pfoundation.net/Commonification_of_Public_Services

Informatie afkomstig van http://nl.wikibooks.org Wikibooks NL.
Wikibooks NL is onderdeel van de wikimediafoundation.