Onderwijs in relatie tot P2P/Ecolife

Uit Wikibooks
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Ecolife

Ecolife is een maatschappelijke milieuorganisatie die streeft naar een duurzame wereld door middel van ecologische gedragsverandering. Ecolife toont de voordelen van ecologisch leven door het bieden van tools en coaching aan diverse doelgroepen. http://www.ecolife.be


Waar staan wij voor? Hoe, waar en waarom speelt duurzaamheid en educatie een rol?[bewerken]

Waar streeft Ecolife naar?[bewerken]

Ecolife streeft naar een duurzame wereld d.m.v. ecologische gedragsverandering, met aandacht voor:

  • een gezonder leefmilieu
  • een levensstijl die de grenzen van de planeet respecteert
  • sociale rechtvaardigheid
  • open en co-creatieve samenwerking tussen maatschappelijke groepen

Wat is onze ambitie?[bewerken]

'Factor 10' en ‘Transitie’ als vertrekpunt Het reduceren van de milieu-impact met ‘factor 10’ geeft een indicatie van de schaal van de uitdaging waarvoor we staan. Factor ‘ten’ is een begrip, uitgewerkt door het gerenommeerde Wuppertal Instituut (http://en.wikipedia.org/wiki/Factor_10) dat weergeeft dat we het gebruik van onze hulpbronnen met 90% moeten verminderen over de volgende 30 – 50 jaar. Een dergelijke drastische vermindering van de milieu-impact is alleen mogelijk door een combinatie van milieu-efficiëntie (o.a. technologie, ondersteunende beleidskeuzes,…) en milieu-sufficiëntie (een socio-culturele omslag met meer aandacht voor immateriële waarden en minder voor materiële waarden). Willen we een reductie van de milieu-impacten bijgevolg het verminderd gebruik van fossiele brandstoffen en grondstoffen, dan is een transitie op maatschappelijk vlak onontbeerlijk. Transitie betekent een structurele verandering op vlak van onze economie, cultuur, technologie, instituties, enz. Het houdt in dat we o.a. de huidige productie- en consumptiepatronen volledig in vraag moeten durven stellen.

Ecologische gedragsverandering , de ‘core-business’ van Ecolife[bewerken]

Ecolife core-business

Ecolife wil de doelgroep tot wie ze zich richt, aanzetten tot een verandering in kennis, attitude en gedrag in duurzame richting. Via een empowerende aanpak sluiten we aan bij de ‘bekommernissen van de mensen’, informeren en activeren we hen en zoeken samen naar waardecreatie. We zien ecologische gedragsverandering steeds meer als een transformatief proces, waarbij we naast een actiegericht aanbod m.b.t. persoonlijke ecologische keuzes ook het systeem en de context waarbinnen individuen functioneren in beweging willen brengen – en wel in een duurzamere richting.

Interventiemodel Ecolife[bewerken]

Zie schets

Interventiemodel Ecolife

Waar en hoe is er potentieel voor P2P? Zijn er ook grenzen?[bewerken]

Een aantal vragen waar Ecolife op botst:

1 Situering[bewerken]

Ecologische gedragsverandering van individuen (of groepen) is pas zinvol en mogelijk op grote schaal als de omgeving of het systeem waarbinnen deze individuen zich bevinden, deze gedragsverandering ondersteunt of mogelijk maakt. Ecolife streeft bijgevolg steeds meer naar een betere mix van interventies die zowel systeem, context als gedrag, attitude en kennis (ethiek, morele keuzes) beïnvloeden.

Vragen: Op welke manier kan p2p extra handvaten aanreiken om nieuwe methodieken of praktijken te ontwikkelen met als doel ‘systeemverandering mee bevorderen of realiseren’ en empowerment van mensen te versterken? Op welke manier kan p2p kapstokken bieden om de wederzijdse dynamiek tussen gedragsverandering en systeemverandering beter in beeld te brengen en te versterken?

2 Situering[bewerken]

Ecolife begeleidt ‘ecoteams’ in organisaties, zowel bij overheden als bedrijven. Bedoeling is dat geïnteresseerde werknemers (personeel) , een aantal keer samen komen in hun ‘ecoteam’ om samen na te denken over het verduurzamen van hun werkplek. Vaak is de milieu-verantwoordelijke ook aanwezig. Onze ervaring leert dat deze (soms zeer actieve) werkgroepjes leuke, soms ook originele acties bedenken en uitvoeren in de organisatie, en dat hierdoor bepaalde gewoontes veranderen. Bv systematisch recyclagepapier aankopen, of efficiëntere verlichting plaatsen, of verwarming een graadje lager (…). Toch blijkt het vaak moeilijk om deze milieuzorgacties blijvend te verankeren in de structuur of de werking van de organisatie. We stellen vast dat interventies die alleen op het operationeel niveau inspelen, niet steeds de gewenste veranderingen realiseren als er ook niet op andere niveaus iets verandert. Structurele verandering vraagt dus meer dan operationeel werken.

Vragen: Hoe leidinggevenden verleiden om zelf mee te zoeken en te werken aan een duurzaam toekomstbeeld voor de organisatie? Hoe de leidinggevende de meerwaarde doen inzien van het betrekken van hun medewerkers bij het uitbouwen van een duurzame visie / duurzame organisatie? Medewerkers zouden beschouwd moeten worden als dé experten van de organisatie, zeker in het kader van een duurzaam veranderingstraject. Hoe kan je leidinggevenden warm maken voor een samenwerkingsmodel in hun organisatie gebaseerd op p2p principes? Waarbij de medewerkers het vertrouwen krijgen en de ruimte om ‘out of the box’ te mogen denken en werken.

Enkele sprekende beelden/foto’s/woorden[bewerken]

Met het project Ecosportief, sporten doe je spoorloos! gaat de lokale sport in Vlaanderen voor duurzaamheid. Samen met de belangrijkste organisaties uit het lokale sportbeleid en met steun van de Vlaamse overheid sensibiliseren Ecolife, BOS+ en het Vlaams Instituut voor Sportbeheer en Recreatiebeleid (ISB) de sportsector rond verduurzaming en het implementeren van milieuzorg.

Doelstellingen[bewerken]

Verduurzamen van de sportsector in Vlaanderen met een uitgekiende mix van instrumenten op maat van de sportactoren (sportdiensten, sportclubs, federaties, organisatoren van sportevenementen en sportkampen) die hen in staat stellen duurzaamheid te verankeren.

Samenwerking[bewerken]

Ecolife zocht de samenwerking met het Vlaams Instituut voor Sportbeheer en Recreatiebeleid (ISB) en met BOS + als kernpartners. Ecosportief is een voorbeeld van multi-stakeholdersamenwerking. Hoewel de grote projectlijnen vastliggen is (ook vanwege subsidieverplichtingen) is het traject ook een ‘organische’ ontwikkeling; ‘learning while doing’. Er is een netwerk opgezet (o.a. via een klankbordgroep, als ook een stuurgroep) met diverse actoren uit sport, milieu en natuursector met wie de instrumenten en het traject samen worden ontwikkeld. Stakeholders zijn ondermeer diverse Vlaamse departementen en agentschappen BLOSO, CJSM, als ook Natuurpunt, OVAM, VSF, …. Die samenwerking tussen ‘onverwachtse’ actoren uit sport, milieu en natuur, draagt er toe bij dat bv. ook natuuractoren (moeten) gaan nadenken wat zij de sportwereld kunnen bieden en betere samenwerking opgezet kan worden.

Aanpak[bewerken]

Geen aanpak zonder te weten wat er om ons heen gebeurt, wat de uitdagingen zijn, hoe anderen daarmee omgaan en wat bruikbaar is in, in dit geval, de Vlaamse context. In een eerste fase van het tweejarig traject (2014-2015) analyseerdn Ecolife, ISB en BOS+ de belangrijke internationale dynamieken en instrumenten voor duurzaamheid in de sport en verkenden ze de belangrijkste milieu-impacten door sporten evenals de trends rond sporten en bewegen in Vlaanderen. Dit leverde het rapport ‘De Sport van Duurzaamheid’ op. Deze analyse vormde de onderbouwing voor de te ontwikkelen instrumenten. In een tweede fase van het project worden diverse instrumenten ontwikkeld en getest met sportactoren uit het veld. Dit heeft twee effecten: betere instrumenten krijgen en tegelijk al sensibiliseren. Deze gratis instrumenten worden in 2015 in pilootprojecten toegepast. Lokale sportdiensten, sportclubs, sporters en andere bij sport betrokken actoren kunnen daarmee duurzaamheid in de praktijk brengen en zo bijdragen aan het verminderen van de milieu-impacten- en dus ‘Sporten doe je spoorloos!’ Een greep uit de instrumenten:

  • monitoren: 'groeneventscan' voor het duurzaam organiseren van sportevenementen (doelgroep: organisatoren, sportclubs & gemeenten);
  • meten: infrastructuurscan van de ecologische voetafdruk van een sporthal (doelgroep: gemeenten, accomodatiebeheerders);
  • managen: themafiches rond mobiliteit, afval, energie en duurzame sportkampen + handleiding 'pesticiden(vrij) beheer van sportterreinen' (doelgroep: gemeenten, sportclubs);
  • sensibiliseren: brochure ‘de Ecosportieve sportclub’ rond het invoeren van duurzaamheid in de werking van de sportclub (doelgroep: sportclubs, sportfederaties, gemeenten);
  • engagement creëren: twee charters ‘Ecosportief’ rond concreet engagement, één voor gemeenten/steden en één voor sportclubs (doelgroep: gemeenten, sportclubs, sportfederaties);
  • kennis opbouwen: vormingsmodule rond duurzaamheid in de praktijk van het beheer van een sportaccommodatie (doelgroep: zaalwachters en sporthalbeheerders).

Werven van sportclubs[bewerken]

Voldoende tijd wordt uitgetrokken voor de werving van lokale sportdiensten, sportclubs, organisatoren van sportevenementen en sportkampen. Er wordt gemikt op een 20-tal goede pilootprojecten. Een heldere communicatie is zeer belangrijk voor een professionele samenwerking. In de oproep wordt ingezoomd op:

  • de criteria voor deelname en de verwachtingen tav de deelnemende organisaties
  • welke instrumenten de deelnemende clubs en organisaties beroep kunnen doen
  • wat de voordelen zijn voor de sportclub
  • welke manier ze (gratis) ondersteund worden door Ecolife, ISB en BOS+
  • wat van de deelnemende organisaties/clubs verwacht wordt

Ook gerichte communicatie (de juiste actoren identificeren) tijdens het project is van groot belang voor het verder sensibiliseren van de diverse actoren en zichtbaarheid te geven aan het project. Vandaar ook dat een eigen naam en logo voor het project is ontwikkeld.

Tussentijds evalueren en bijsturen[bewerken]

Door de intensieve samenwerking met diverse actoren kan zowel kort op de bal worden gespeeld, als is er goede voeling met waar de actoren staan en wat mogelijk is om hen verder te helpen naar (meer) duurzaamheid. .

Conclusie

1.Ecolife zoekt, alvorens een project inhoudelijk uit te werken, partnerorganisaties in de betreffende sector. ISB is in deze een zeer belangrijke organisatie. Samen met de stakeholders zoekt Ecolife naar de behoeften in de sector rond het thema ‘duurzaamheid’. Ecolife stemt haar aanbod dus af op de vraag/noden van de sector.

2.Op basis van de behoefteanalyse en aanvullend literatuuronderzoek worden instrumenten (tools) ontwikkeld, steeds op maat van de doelgroep. (zie fase ‘diagnose’)

3.Vervolgens biedt Ecolife ism de betrokken partners ondersteuning aan in de vorm van procesbegeleiding. In deze fase worden organisaties aangezet tot actie. (zie fase ‘actie’). Ecolife vervult in zo’n traject verschillende rollen: ‘facilitator, coach, partner en coördinator.

4.Als rode draad doorheen de hele onderzoeks- en uitvoeringsfase loopt de zoektocht naar verankering van de ‘verduurzaming’ in de organisatie en in de sector. Hoe zorgen we ervoor dat de nieuwe inzichten en hulpmiddelen geïntegreerd worden in de dagelijkse werking van de betrokken organisaties. Voor die verankering wordt ingezet op verschillende aspecten:

  • Het streven is ook dat de sportpartners ownership kunnen opnemen ook na afloop van dit project,
  • dat er voldoende input (advies) naar het (sport)beleid komt om ook op dat niveau een proces in gang te zetten,
  • dat relevante actoren elkaar ook in de toekomst makkelijker gaan vinden, binnen een gemeenten bv. sport, milieu, mobiliteit, ruimtelijk ordening als ook samenwerking met natuurgerelateerde organisaties en het bedrijfsleven (belangrijke leveranciers van o.a. sportartikelen en materialen)
Informatie afkomstig van http://nl.wikibooks.org Wikibooks NL.
Wikibooks NL is onderdeel van de wikimediafoundation.