Naar inhoud springen

Basiskennis chemie/Kwantitatief/Titrimetrie Opgaven

Uit Wikibooks



Theorie[bewerken]

Zie voor de de theorie van deze opgaven hier.

Voor uitleg over deze pagina: klik op "uitklappen" rechts in dit kader.

Op onderstaande pagina zijn alleen de vragen zichtbaar in een kader op een afwijkende ondergrond. Binnen het kader is rechts een knop zichtbaar: "Uitklappen", vergelijkbaar met de knop om deze tekst te openen. Door op deze knop te klikken wordt het antwoord van de betreffende vraag zichtbaar.
Vaak, maar niet altijd is er ook een uitwerking bij de vraag aanwezig. Deze blijft bij het openen van het antwoord nog onzichtbaar, maar opnieuw is, als een uitwerking beschikbaar is, een knop "Uitklappen" aanwezig om de uitwerking zichtbaar te maken. Ontbreekt bij het antwoord de knop "Uitklappen", dan is geen uitwerking bij de vraag beschikbaar.

Indien gewenst kunnen antwoord en uitwerking ook weer onzichtbaar gemaakt worden door op de zelfde plek als waar de knop "Uitklappen" aanwezig was op de knop "Inklappen" te klikken.

Titraties 1, 1 op 1 reactie

Titraties 1
1.
Om de concentratie te bepalen van een oplossing van natriumhydroxide wordt 0,3185 gram kaliumwaterstofftalaat (KHFt) afgewogen en opgelost in water.
De stoffen reageren met elkaar volgens onderstaande reactievergelijking:
Van de te stellen oplossing is 13,84 ml nodig. Bereken de concentratie van de natriumhydroxide-oplossing in mol.L-1. Geef het antwoord met 4 cijfers achter de komma.
0,1127 mol.L-1

Zeteerst de gegevens in standaard eenheden:

  • mKHFt = 0,3185 gram
  • vNaOH = 13,84·10-3 Liter

Bij titraties wordt er altijd iets gevraagd over de ene stof, terwijl je oven een andere stof dingen weet. In dit geval moet je iets over natriumhydroxide zeggen (de concentratie), terwijl je iets over kaliumwaterstofftalaat weet (massa en formule). Dat beekent twee dingen:

  • Je hebt een reactievergelijking nodig.
  • Je moet via het aantal mol

De reactievergelijking staat in de opgave. Je moet de concentratie NaOH bepalen. Hiervoor geldt de formule:

Het volume van de NaOH-oplossing weet je, voor het aantal mol heb je de reactievergelijking nodig. De overstap van NaOH naar KHFt gaat als volgt:

Door op de plaatsen van de aantallen mol de coëfficiënten uit de reactievergelijking in te vullen vindt je:

Deze vergelijking is waar als op de plaats van het vraagteken een "1" staat. De vergelijking gaat dus over in:

Het aantal mol KHFt moet je weten, je weet de massa, en de stof (en daarmee in feite de molaire massa). De formule die daarbij hoort is:

De molaire massa van KHFt kun je opzoeken of uitrekenen via:

De molaire massa's van de verschillende elementen kun je in BINAS vinden. Invullen levert nu:

2.
Om de concentratie te bepalen van een oplossing van zwavelzuur wordt 299,0 mg borax afgewogen en opgelost in water.
De stoffen reageren met elkaar volgens onderstaande reactievergelijking:
Van de te stellen oplossing is 15,70 ml nodig. Bereken de concentratie van de zwavelzuur-oplossing in mol.L-1. Geef het antwoord met 4 cijfers achter de komma.
0,0499 mol.L-1
De uitwerking iss analoog aan die van opgave 1
3.
Om de concentratie te bepalen van een oplossing van kaliumhydroxide wordt 324,3 mg kaliumwaterstofftalaat afgewogen en opgelost in water.
De stoffen reageren met elkaar volgens onderstaande reactievergelijking:
Van de te stellen oplossing is 15,11 ml nodig. Bereken de concentratie van de kaliumhydroxide-oplossing in mol.L-1. Geef het antwoord met 4 cijfers achter de komma.
0,1051 mol.L-1
De uitwerking iss analoog aan die van opgave 1
4.
Om de concentratie te bepalen van een oplossing van Lithiumhydroxide wordt 0.2913 gram kaliumwaterstofftalaat afgewogen en opgelost in water.
De stoffen reageren met elkaar volgens onderstaande reactievergelijking:
Van de te stellen oplossing is 14.14 ml nodig. Bereken de concentratie van de Lithiumhydroxide-oplossing in mol.L-1. Geef het antwoord met 4 cijfers achter de komma.
0,1009 mol.L-1
De uitwerking iss analoog aan die van opgave 1
5.
Om de concentratie te bepalen van een oplossing van calciumhydroxide wordt 288,9 mg oxaalzuurdihydraat afgewogen en opgelost in water.
De stoffen reageren met elkaar volgens onderstaande reactievergelijking:
Van de te stellen oplossing is 40,49 ml nodig. Bereken de concentratie van de calciumhydroxide-oplossing in mol.L-1. Geef het antwoord met 4 cijfers achter de komma.
0,0566 mol.L-1
De uitwerking iss analoog aan die van opgave 1
6.
Om de concentratie te bepalen van een oplossing van bariumhydroxide wordt 0.1356 gram oxaalzuurdihydraat afgewogen en opgelost in water.
De stoffen reageren met elkaar volgens onderstaande reactievergelijking:
Van de te stellen oplossing is 14.04 ml nodig. Bereken de concentratie van de bariumhydroxide-oplossing in mol.L-1. Geef het antwoord met 4 cijfers achter de komma.
0,0766 mol.L-1
De uitwerking iss analoog aan die van opgave 1
7.
Om de concentratie te bepalen van een oplossing van natriumhydroxide wordt 0,2723 gram kaliumwaterstofftalaat afgewogen en opgelost in water.
De stoffen reageren met elkaar volgens onderstaande reactievergelijking:
Van de te stellen oplossing is 15,26 ml nodig. Bereken de concentratie van de natriumhydroxide-oplossing in mol.L-1. Geef het antwoord met 4 cijfers achter de komma.
0,0874 mol.L-1
De uitwerking iss analoog aan die van opgave 1
8.
Om de concentratie te bepalen van een oplossing van waterstofchloride wordt 316,5 mg kaliumwaterstofftalaat afgewogen en opgelost in water.
De stoffen reageren met elkaar volgens onderstaande reactievergelijking:
Van de te stellen oplossing is 15,56 ml nodig. Bereken de concentratie van de waterstofchloride-oplossing in mol.L-1. Geef het antwoord met 4 cijfers achter de komma.
0,0996 mol.L-1
De uitwerking iss analoog aan die van opgave 1
9.
Om de concentratie te bepalen van een oplossing van perchloorzuur wordt 0,1714 gram kaliumhydroxide afgewogen en opgelost in water.
De stoffen reageren met elkaar volgens onderstaande reactievergelijking:
Van de te stellen oplossing is 32,40 ml nodig. Bereken de concentratie van de perchloorzuur-oplossing in mol.L-1. Geef het antwoord met 4 cijfers achter de komma.
0,0945 mol.L-1
De uitwerking iss analoog aan die van opgave 1
10.
Om de concentratie te bepalen van een oplossing van zwavelzuur wordt 307,6 mg borax afgewogen en opgelost in water.
De stoffen reageren met elkaar volgens onderstaande reactievergelijking:
Van de te stellen oplossing is 16,13 ml nodig. Bereken de concentratie van de zwavelzuur-oplossing in mol.L-1. Geef het antwoord met 4 cijfers achter de komma.
0,0500 mol.L-1
De uitwerking iss analoog aan die van opgave 1

Titraties 2, niet 1 op 1 reacties

Titraties 2
11.
Om de concentratie te bepalen van een oplossing van natriumhydroxide wordt 0,2190 gram oxaalzuurdihydraat afgewogen en opgelost in water.
De stoffen reageren met elkaar volgens onderstaande reactievergelijking:
Van de te stellen oplossing is 33,58 ml nodig. Bereken de concentratie van de natriumhydroxide-oplossing in mol.L-1. Geef het antwoord met 4 cijfers achter de komma.
0,1035 mol.L-1

Maak eerst een werkschets:

A=Weegschuitje
B=Afgewogen oxaalzuur
C=Erlemeyer voor de reactie
D=Buret met de natriumhydroxide-oplossing

Zet dan de gegevens in de standaard eenheden:

  • Afgewogen massa oxaalzuurdihydraat = 0,2190 gram
  • Verbruik natriumhydroxide-oplossing = 0,03358 Liter = 3,358x10-2 Liter

Vervolgens worden met behulp van SPA de formules voor de berekening afgeleid:

Het volume van de NaOH-oplossing is bekend, voor het aantal mol NaOH wordt de reactievergelijking gebruikt:

Zet de coëfficiënten uit de reactievergelijking op de plaats van de aantallen mol
De manier om hier een kloppende vergelijking van te maken is door op de plaats van het vraagteken een 2 te zetten. De formule voor het aantal mol NaOH wordt dan:

Deze berekening kun je uitvoeren als je het aantal mol oxaalzuurdihydraat weet. Daarvoor geldt:

De twee factoren die je nodig hebt om noxaalzuurdihydaat uit te rekenen weet je, dus je kunt nu de formules "in elkaar schuiven":



De molaire massa van oxaalzuur kun je in BINAS opzoeken, maar daar staat de massa gegeven voor de watervrije verbinding. Daar moet je dus nog twee keer de molaire massa van water bijtellen. Je vindt dan 126,068. Invullen geeft nu:

12.
Om de concentratie te bepalen van een oplossing van salpeterzuur wordt 0.2772 gram borax afgewogen en opgelost in water.
De stoffen reageren met elkaar volgens onderstaande reactievergelijking:
Van de te stellen oplossing is 14.79 ml nodig. Bereken de concentratie van de salpeterzuur-oplossing in mol.L-1. Geef het antwoord met 4 cijfers achter de komma.
0,0983 mol.L-1

De uitwerking iss analoog aan die van opgave 1

1
13.
Om de concentratie te bepalen van een oplossing van natriumhydroxide wordt 382.8 mg oxaalzuurdihydraat afgewogen en opgelost in water.
De stoffen reageren met elkaar volgens onderstaande reactievergelijking:
Van de te stellen oplossing is 15.93 ml nodig. Bereken de concentratie van de natriumhydroxide-oplossing in mol.L-1. Geef het antwoord met 4 cijfers achter de komma.
0,0953 mol.L-1
De uitwerking iss analoog aan die van opgave 1
14.
Om de concentratie te bepalen van een oplossing van Kaliumpermanganaat wordt 0.6267 gram kaliumhexacyanoferraat(II)dihydraat afgewogen en opgelost in water.
De stoffen reageren met elkaar volgens onderstaande reactievergelijking:
Van de te stellen oplossing is 13.80 ml nodig. Bereken de concentratie van de Kaliumpermanganaat-oplossing in mol.L-1. Geef het antwoord met 4 cijfers achter de komma.
0,0226 mol.L-1
De uitwerking iss analoog aan die van opgave 1
15.
Om de concentratie te bepalen van een oplossing van Kaliumpermanganaat wordt 109.4 mg oxaalzuurdihydraat afgewogen en opgelost in water.
De stoffen reageren met elkaar volgens onderstaande reactievergelijking:
Van de te stellen oplossing is 16.95 ml nodig. Bereken de concentratie van de Kaliumpermanganaat-oplossing in mol.L-1. Geef het antwoord met 4 cijfers achter de komma.
0,0205 mol.L-1
De uitwerking iss analoog aan die van opgave 1
16.
Om de concentratie te bepalen van een oplossing van natriumthiosulfaat wordt 76.3 mg kaliumdichromaat afgewogen en opgelost in water.
De stoffen reageren met elkaar volgens onderstaande reactievergelijking:
Van de te stellen oplossing is 15.83 ml nodig. Bereken de concentratie van de natriumthiosulfaat-oplossing in mol.L-1. Geef het antwoord met 4 cijfers achter de komma.
0,0951 mol.L-1
De uitwerking iss analoog aan die van opgave 1
17.
Om de concentratie te bepalen van een oplossing van zoutzuur wordt 0.3094 gram borax afgewogen en opgelost in water.De stoffen reageren met elkaar volgens onderstaande reactievergelijking
Van de te stellen oplossing is 14.35 ml nodig. Bereken de concentratie van de zoutzuur-oplossing in mol.L-1. Geef het antwoord met 4 cijfers achter de komma.
0,1131 mol.L-1
De uitwerking iss analoog aan die van opgave 1
18.
Om de concentratie te bepalen van een oplossing van chloorzuur wordt 806.3 mg borax afgewogen en opgelost in water.
De stoffen reageren met elkaar volgens onderstaande reactievergelijking:
Van de te stellen oplossing is 39.84 ml nodig. Bereken de concentratie van de chloorzuur-oplossing in mol.L-1. Geef het antwoord met 4 cijfers achter de komma.
0,1061 mol.L-1
De uitwerking iss analoog aan die van opgave 1
19.
Om de concentratie te bepalen van een oplossing van waterstofperoxide wordt 0.6441 gram kaliumhexacyanoferraat(II)dihydraat afgewogen en opgelost in water.De stoffen reageren met elkaar volgens onderstaande reactievergelijking:
Van de te stellen oplossing is 14.83 ml nodig. Bereken de concentratie van de waterstofperoxide-oplossing in mol.L-1. Geef het antwoord met 4 cijfers achter de komma.
0,0540 mol.L-1
De uitwerking iss analoog aan die van opgave 1
20.
Om de concentratie te bepalen van een oplossing van jood wordt 0.2263 gram natriumthiosulfaat afgewogen en opgelost in water.
De stoffen reageren met elkaar volgens onderstaande reactievergelijking:
Van de te stellen oplossing is 15.51 ml nodig. Bereken de concentratie van de jood-oplossing in mol.L-1. Geef het antwoord met 4 cijfers achter de komma.
0,0462 mol.L-1
De uitwerking iss analoog aan die van opgave 1




Informatie afkomstig van https://nl.wikibooks.org Wikibooks NL.
Wikibooks NL is onderdeel van de wikimediafoundation.