Russisch/Woordenlijst Nederlands-Russisch

Uit Wikibooks
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

zie ook Russisch/Woordenlijst Russisch-Nederlands
zie ook Russisch/Uitspraak voor de uitspraak van de Russische woorden

(Gelieve telkens ook het accent toe te voegen)


Inhoudsopgave:

A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X - Y - Z

A[bewerken]

  • aanpassing - приспособление
  • aap - обезьяна
  • aarde - земля
  • achterstevoren - задом наперëд
  • afspraak - сговор
  • as (na verbranding) - пепел

B[bewerken]

  • de bezigheid - занятие
  • de bibliotheek - библиотека
  • het boek - кни́га
  • de brief - письмо́
  • het brood - хлеб
  • bootsman - боцман
  • betrouwbaar - положительный
  • bewonderen - восхищаться
  • belevenis - переживание
  • beroerte - инсульт
  • bruikbaar - пригодный
  • bestraffen - карать

C[bewerken]

  • de cirkel - кружок
  • computer - вычислитель

D[bewerken]

  • de deelnemer - участник
  • decennium - десятилетие
  • dier - животное
  • dit - этот
  • drukknop - кнопка
  • dwerg - карлик
  • daling - снижение
  • dat heeft geen zin - это не имеет смысла
  • de wil om te winnen - воля к победе
  • dat - то

E[bewerken]

  • eenvoud - простота
  • eik - дуб
  • echt - настоящий
  • erg - злой
  • en - и

F[bewerken]

G[bewerken]

  • gaan (te voet) - ходи́ть (impf., onbep.ri.), идти́ (impf., bep.ri.), пойти́ (perf.)
  • gaan (met vervoer) - е́здить (impf., onbep.ri.), е́хать (impf., bep.ri.), пое́хать (перф.)
  • garantie - ручательство
  • gastvrijheid - радушие
  • gemengd - смешанный
  • geruststellen - успокаиватъ
  • goed (bijv.nw.) - хоро́ший
  • goed (bijwoord) - хорошо́
  • groot - большо́й

H[bewerken]

  • handbal - ручной мяч
  • haven - гавань
  • hij - он
  • hoe - как ( hoe gaat het ? - как дела ? )
  • hoofdartikel - передовая
  • huis - дом
  • huren - снимать
  • hij heeft nog alles voor zich - у него всë впереди

I[bewerken]

  • ingang - вход
  • (zich) interesseren voor - занимать
  • ijver - рвение
  • ijzel - гололëд
  • ik - я

J[bewerken]

  • ja - да
  • jaar - год
  • Jan Delen is goed - Ян Делєн хорошо

K[bewerken]

  • kajuit - каюта
  • kamer - комната
  • kiel - киль
  • klacht - жалоба
  • klaver - клевер
  • krant - газе́та

L[bewerken]

  • leven - жить
  • lezen - чита́ть
  • lens - линза
  • liefde - любовь ( ik hou van jou - я люблю тебя)

M[bewerken]

  • mens - люди
  • misverstand - недоразумение
  • maan - луна

N[bewerken]

  • na (tijd) - после
  • naald - игла
  • nee - нет
  • niet - не
  • noord - норд ((nautisch)
  • (het) noorden - се́вер

O[bewerken]

  • om welke reden? - ради чего?
  • onafhankelijkheid - независимость
  • onderwijs - занятие
  • onderschatten - недооценивать
  • oneven - нечëтный
  • ongelegen, te onpas - невпопад
  • onpartijdig - беспристрастный
  • oost - ост (nautisch)
  • (het) oosten - восто́к
  • opflikkeren - сверкнуть
  • oplossen (scheikundig) - растворять
  • oversteken - пересечь

P[bewerken]

  • poetsen - чистить
  • pompoen - тыква , uitspraak : tykwa ( of tykva )
  • pink - мизинец
  • plaats - место
  • plakken - наклеивать
  • planeet - планета
  • plant - растение
  • poging - попытка

Q[bewerken]

R[bewerken]

  • ruim - трюм
  • reisgids - путеводитель
  • reptiel - пресмыкающееся
  • roep - клич
  • rebel - повстанец
  • ramp - крушение
  • rollen - катать
  • russisch - русский

S[bewerken]

  • samenwerken - взаимодействовать
  • schakelaar - выключатель
  • schipper - шкипер
  • schoonmaakbeurt - генеральная уборка
  • schoonzuster - золовка
  • slordig - неряшливый
  • sluis - шлюз
  • smid - кузнец
  • snoepgoed - сладости
  • sport - спорт
  • spreektaal - разговорная
  • stiekem - тайно
  • stoel (rechte) - стул
  • stoel (zetel) - сиденье
  • stotteren - заикаться
  • strijden - сражаться

T[bewerken]

  • tafel - стол
  • tegelijk - одновременно
  • te hulp komen - прийти на помощь
  • toegang - доступ
  • toelatingsexamen - вступительный экзамен
  • toeslag - доплата
  • tijdschrift - журнал

U[bewerken]

  • uitgang - вы́ход

V[bewerken]

  • veel - много , uitspraak : mnogo ( of mnoga)
  • verbazingwekkend - изумительный
  • verdrag - договор
  • vereeuwigen - увековечивать
  • verloting - розыгрыш
  • vesting - крепость
  • vinden - находить
  • vis - рыбы
  • vlaggenstok - флагшток
  • vlieg - муха
  • vlinder - мотылëк
  • vogel - птица
  • voorsprong - преимущество
  • vraag - вопрос , uitspraak : vopros ( of wapros, vapros )
  • vriend - друг
  • vriendin - подруга , uitspraak : podroega ( of padroega )

W[bewerken]

  • werken - рабо́тать
  • west - вест (nautisch)
  • (het) westen - за́пад
  • weten - знать
  • wild zwijn - каба́н
  • wie? - кто?
  • wat? - что?
  • waar? - где?
  • waar(heen)? - куда́?
  • waar(vandaan)? - откуда́?
  • waarom? - почему́?
  • waarvoor? - для чего?
  • wanneer? - когда́?
  • weet - знаю,знаешь,знает ( я знаю - ik weet , ты знаешь - jij weet , он/она знает - hij/zij weet )
  • welke? - како́й/кака́я/како́е?

X[bewerken]

Y[bewerken]

  • Yugoslavia - Югославия ( een stad in Rusland )
  • Yakmelk-Yakaled

Z[bewerken]

  • zedenleer - этика
  • zeehond - тюлень
  • zij - она , uitspraak : ana
  • zo iets als - вроде
  • zoogdier - млекопитающее
  • zuid - зюйд (nautisch)
  • (het) zuiden - юг
  • zwaartekracht - всемирное тяготение
  • Zweeds - шведский
  • zijde - бок
Informatie afkomstig van http://nl.wikibooks.org Wikibooks NL.
Wikibooks NL is onderdeel van de wikimediafoundation.