In mensentaal/Onderdelen van een computer

Uit Wikibooks
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Voor veel mensen is de computer gewoon een plastic kast met bijbehoren (beeldscherm, toetsenbord, muis, speakerset, modem) die, als hij verouderd of kapot is, vervangen wordt door een andere plastic kast. Maar wat zit er precies in die kast? Waarvoor dienen al die chips, kabels en andere elektronica?

De Processor[bewerken]

Een processor van Intel. Hij zit al vastgeklikt aan het moederbord.

De Processor, of CPU (Central Processing Unit), wordt vaak beschreven als het 'hart' van de computer. De processor is dan ook een van de belangrijkste onderdelen, en een van de eerste dingen waar je naar kijkt als je een nieuwe computer gaat samenstellen.

Wat doet de processor precies? Zoals je misschien weet, is de computer één grote, complexe rekenmachine. Daarin doet de processor al (of het grootste deel van) het rekenwerk. Er gaan data en instructies in de CPU, en er komen weer andere data uit die vervolgens naar andere onderdelen van de computer zoals het beeldscherm gestuurd worden.

Eigenschappen[bewerken]

De belangrijkste dingen waar je op moet letten bij het kopen van een processor:

  • Het merk. Er zijn 2 bedrijven die processors produceren, AMD en Intel. Beiden leveren processors van goede kwaliteit. AMD staat bekend om goeie prestaties voor lage prijzen, terwijl processors van Intel wat duurder zijn, en over wat meer features beschikken.
  • De socket waar de processor in past. De processor wordt aan het moederbord vast geklikt. Dat moet natuurlijk wel passen! Daarom zijn er verschillende pasvormen, sockets genaamd. Enkele voorbeelden van sockets zijn, van Intel: socket 1156, socket 1366 en socket 1155. De laatste is voor een nieuwere generatie processors, maar de andere 2 zijn ook nog courant. Sockets van AMD zijn bijvoorbeeld: AM2 (verouderd) en AM3. Verder is er ook nog AM2+, deze is compatibel met zowel AM2 als AM3. AM3+ is een socket wat over een paar maanden wordt geïntroduceerd, samen met een nieuwe generatie processors.
  • De snelheid. Met de snelheid wordt het aantal pulsen dat de processor per seconde verwerkt bedoeld. Eén puls bestaat (tegenwoordig) uit 32 of 64 bits (nullen of enen). Dit is dus letterlijk hoe snel je processor kan rekenen. De snelheden van tegenwoordig liggen tussen de 2,5 GHz (2.500.000.000 Hertz) en de 3,5 GHz.
  • Het aantal cores (kernen). Vroeger hadden processors gewoon 1 core, maar sinds een paar jaar worden er ook processors met 2, 3, 4, 6, 8 of zelfs 10 cores gemaakt. Een processors met 2 cores (een dualcore processor) ziet er van de buitenkant uit als 1 processor, maar heeft de kracht van 2 processors. Tegenwoordig zijn singlecore-processors en dualcores 'verouderd'; quadcores zijn redelijk standaard, en voor wie wat meer uit zijn PC wil halen heb je hectacores en octacores. Voor de extreme gamesystemen heb je de octacores (8 kernen). Maar wat is nou precies het voordeel van, laten we zeggen, 4 kernen? Veel software weet het rekenwerk te verdelen over de cores, waardoor ze maar de helft van het eigenlijke werk moeten doen. Hierdoor kunnen ze dus ook 4 keer zo snel werken. Ook dingen als multitasken (verschillende programma's tegelijk draaien) gaan beter met meerdere cores.

Het moederbord[bewerken]

Een moederbord. Het witte vierkant linksonder is het socket voor de CPU.
De witte gleuven rechtsboven zijn PCI-sloten voor de videokaart.
Linksboven het CPU-socket zitten een aantal zwarte en blauwe gleuven om het RAM-geheugen in te doen. Het kleurverschil is om een Dual-Channel opstelling te gebruiken.
Helemaal rechtsonder zitten alle aansluitingen van het moederbord: PS2, USB, enkele audio-aansluitingen en aansluitingen voor beeldschermen.

Dan kom je bij het moederbord. In het Engels wordt dit het mainboard genoemd. De naam geeft al aan dat dit een redelijk belangrijk onderdeel is van de computer. Niet qua prestaties, zoals de processor, maar qua mogelijkheden. Op het moederbord worden alle onderdelen van de computer aangesloten. De enige uitzonderingen zijn dingen die direct op de voeding worden aangesloten (zoals ventilatoren), wat niet vaak voorkomt.

De maat[bewerken]

Een moederbord is ook een van de grootste onderdelen in de computer. Er zijn verschillende maten. Dit zijn de meest gebruikte:

  • ATX - 305 x 244 mm2 (vernieuwde versie van AT)
  • Micro-ATX - 244 x 244 mm2 (ATX, maar kleiner, goedkoper en met minder aansluitingen)
  • Mini-ITX - 170 x 170 mm2 (incompatibel met ATX)

ATX is niet alleen een aanduiding voor de omvang van een moederbord (zoals in dit geval), maar ook een complete standaard voor de vorm van de computerbehuizing en de aansluitingen van de voeding.

Aansluitingen[bewerken]

Op het moederbord worden aangesloten:

  • De processor (CPU). Dit gebeurt, zoals in het vorige hoofdstuk uitgelegd, via een socket.
  • De videokaart (GPU). De videokaart klik je vast in een AGP- PCI-, of PCI-Express slot. PCI-Express is hiervan het modernst.
  • Andere kaarten: geluidskaarten, USB-kaarten (die zorgen voor extra USB-aansluitingen) en dergelijke worden meestal ook via PCI- of PCI-E sloten aangesloten.
  • Het intern geheugen (RAM-geheugen). Dit gebeurt ook via sloten waarin het geheugen wordt vastgeklikt.
  • De harde en optische schijven (CD-spelers, DVD-branders). Dit gaat via een Parallel ATA-kabel of (wat moderner) een Serial ATA-kabel. In enkele gevallen gaat het via een normale USB-kabel.
  • De voeding. Deze sluit je aan via de grote 20- of 24-pins kabel, waardoor je computer van stroom wordt voorzien.
  • De rest van de onderdelen wordt op de voeding (ventilatoren) of op de videokaart (beeldscherm) aangesloten.

Het intern geheugen[bewerken]

Twee RAM-geheugensticks (ook wel modules genoemd).

Het intern geheugen ofwel RAM-geheugen is het geheugen dat de computer als kladblaadje gebruikt tijdens het rekenen. Als er te weinig van is, wordt de processor belemmerd en kan die minder snel rekenen. Er zijn verschillende soorten RAM-geheugens, waarvan dit de bekendste zijn: DDR2-SDRAM en DDR3-SDRAM. DDR3 geheugen is tegenwoordig gebruikelijk. In de meeste computers zit op dit moment nog DDR2, maar als u een nieuwe computer koopt is het op zijn zachtst gezegd verstandig om DDR3 erin te hebben. De verschillen zijn het energieverbruik (wat bij DDR3 lager is), en de snelheid van het geheugen, die bij DDR3 een flink stuk hoger is.

Hoeveel RAM-geheugen heeft u nodig? Een standaard computer voor huis-, tuin- en keukengebruik heeft tegenwoordig meestal 2 Gigabyte. Als u een 32-bit besturingssysteem gebruikt, wordt er zelfs maar maximaal 3,2 GB benut. Toch is het verstandig, met het oog op de toekomst, rond de 4 GB aan te schaffen. 64-bit besturingssytemen worden namelijk steeds populairder.

Dual-Channel[bewerken]

De meeste moederborden ondersteunen RAM-geheugen in Dual-Channel opstelling. Dat zijn (als voorbeeld) 2 geheugensticks van 2 GB, in plaats van eentje van 4 GB. Hierdoor wordt het geheugen efficiënter gebruikt en daarmee wint u weer wat snelheid.

Triple-Channel[bewerken]

Voor de extreem luxe moederbord-CPU combinaties bestaan ook al mogelijkheden voor een Triple-Channel opstelling voor het geheugen. Hiermee kan het geheugen nog sneller gebruikt worden. Echter kan dit momenteel alleen met de luxe Intel Core i7 9xx serie.

SODIMM-geheugen[bewerken]

Een SODIMM RAM-geheugenstick.

SODIMM-geheugen is RAM-geheugen met kleinere geheugensticks. Verder is het precies hetzelfde, behalve dat het duurder en minder goed verkrijgbaar is. SODIMM-geheugen past alleen in moederborden die gemaakt zijn voor SODIMM-geheugen. Vanwege de kleinere vorm wordt SODIMM-geheugen eigenlijk vooral voor laptops gebruikt.

De videokaart[bewerken]

Een (redelijk nieuwe) videokaart van ATI. Linksvoor de aansluitingen voor een beeldscherm. Het zwarte ronde deel is de (actieve) koeling, in de vorm van een kleine ventilator.

Een videokaart, of GPU (Graphic Processing Unit), is optioneel, maar wel sterk aangeraden wanneer de computer grafische prestaties moet leveren. Enkele voorbeelden hiervan zijn het spelen van games (een erg zware belasting), het bewerken van beeldmateriaal, of gewoon het afspelen van filmpjes en het vullen van het beeldscherm.

Dit zijn, net als alle taken van de computer, doodgewone rekentaken. Daarom kunnen ze worden uitgevoerd door de CPU. Maar als de grafische rekentaken te ingewikkeld zijn of te veel geheugen eisen, is het verstandig een videokaart aan te schaffen. De videokaart neemt alle grafische taken voor zijn rekening, waardoor het werk meer verdeeld wordt en de processor meer ruimte heeft voor de rest van de taken. Ook zitten er aan de videokaart verschillende aansluitingen voor beeldschermen (VGA, DVI, HDMI). Deze zitten soms al standaard op het moederbord, maar rechtstreeks via de videokaart gaat het signaal sneller.

De videochip[bewerken]

Het belangrijkste onderdeel van een videokaart is de videochip. Dit is de eigenlijke videokaart, eigenlijk is de rest maar een omhulsel, koeling en het geheugen. De meeste videochips worden gemaakt door de bedrijven nVidia en ATI. Andere bedrijven zoals Asus, Sapphire, Club3D en MSI bouwen dan het omhulsel en de koeling eromheen, en zetten het geheugen erop. De belangrijkste eigenschap van de videochip is de snelheid, deze is een stuk lager dan bij de processor. De snelheden variëren van 0,5 GHz tot 2 GHz.

Het geheugen[bewerken]

Ook bij de videokaart is intern geheugen van belang. Het heeft precies dezelfde functie als het RAM-geheugen voor de processor. Er kan gebruik worden gemaakt van de RAM-geheugen-types (DDR, DDR2, DDR3) en van speciale grafische geheugentypes: GDDR2, GDDR3, GDDR4 en GDDR5. Het verschil tussen deze types is de snelheid (oplopend). GDDR4 wordt bijna niet gebruikt, en GDDR5 is bijna 5x zo snel als GDDR3, maar ook een stuk duurder. Behalve de snelheid is ook de hoeveelheid geheugen van belang. Bij hogere resoluties en HD kwaliteit is het handiger om tot 1 GB aan geheugen te nemen, anders volstaat 0,5 GB (512 MB) in de meeste gevallen.

De aansluiting met het moederbord[bewerken]

Voorbeeld van wat PCI Express sloten (van boven naar beneden: x4, x16, x1 en x16). Het onderste slot is een PCI-slot.

De videokaart wordt, anders dan de processor, verticaal op het moederbord vastgeklikt. Aangezien het moederbord verticaal in de behuizing hangt, komt de videokaart horizontaal. De videokaart is zo geplaatst dat de aansluitingen aan de achterkant van de computer eruit komen en makkelijk gebruikt kunnen worden.

Er zijn verschillende aansluitingen voor videokaarten op het moederbord. Tot voor kort werden vooral AGP en PCI gebruikt. PCI-Express (PCI-E) is sinds een paar jaar in opkomst. Het grootste verschil is de snelheid en compatibiliteit; PCI en AGP zijn een stuk langzamer dan PCI-E, en worden steeds minder ondersteund. PCI en PCI-E kunnen trouwens ook gebruikt worden voor geluids- en netwerkkaarten.

Er zijn verschillende soorten PCI-E sloten. Je hebt x1, x4, x8, x16 en x32 sloten (hoewel die laatste niet vaak voorkomt). Het verschil zit in de grootte van de sloten en, alweer, de snelheid. De meeste videokaarten kunnen alleen op PCI-E x16 sloten worden aangesloten. Omdat 2 x8-sloten even lang zijn als een x16-slot, kunnen 2 x8sloten bij sommige moederborden dienen als een x16 slot voor een videokaart.

(Interne) harde schijven[bewerken]

Een harde schijf.

Een computer heeft natuurlijk ook een harde schijf (hard drive) nodig. Dit is om gegevens en bestanden voor langere tijd op te slaan. Alles wat in het RAM-geheugen wordt opgeslagen, wordt daarna namelijk meteen weer verwijderd. Gegevens die op de harde schijf staan worden nog bewaard als de computer uit wordt gezet. Van belang is natuurlijk de grootte van de schijf. Tegenwoordig liggen de groottes tussen de 80 Gigabyte en 1 of 2 Terabyte (=1000 Gigabyte). Qua prijs maakt het relatief weinig uit of je een schijf kiest van 80GB of van 500GB. Vanaf 500GB stijgt de prijs.

Maat[bewerken]

Harde schijven hebben verschillende maten, die worden gemeten in inches. Tegenwoordig is de meest voorkomende maat 3,5 inch. Andere maten zijn 1,8", 2,5" en 5,25". De harde schijf zit in de computerkast in een zogeheten interne bay (baai), die dezelfde maat heeft als de harde schijf. In een computerkast kunnen bays met verschillende maten zitten, en het aantal bays kan variëren van 2 tot 10 of nog meer. De maat van een harde schijf is dus iets om op te letten bij het kopen ervan (hoewel je bijna altijd goed zit met de normale 3,5 inch).

Compatibiliteit[bewerken]

Zoals eerder gezegd wordt een harde schijf op het moederbord aangesloten via een PATA- of een SATA-kabel. PATA (ook wel IDE genoemd) is een stuk ouder en langzamer, en wordt steeds minder ondersteund. De meeste moederborden hebben nog 1 PATA-100 of PATA-133 aansluiting, terwijl ze minstens 6 SATA-aansluitingen hebben. PATA en SATA zijn compleet incompatibel. Er bestaan ook geen adapters voor.

Er zijn (tot nu toe) drie versies van SATA-communicatie. De nieuwste is SATA-III, dankzij zijn snelheid (6 GB/Sec.) ook wel SATA-600 genoemd. Deze wordt nog niet veel ondersteund of volledig benut. De vorige versie, SATA-II (of SATA-300), wordt het meest gebruikt. Beide versies zijn compatibel met elkaar, en met de eerste versie; SATA-I of SATA-150. In alle gevallen wordt de minst snelle verbinding gebruikt.

Momenteel maakt het echter niet uit of er een SATA-II of een SATA-III kabel wordt gebruikt. De lees- en schrijfsnelheden van harde schijven komen namelijk nog niet eens in de buurt van de limieten van SATA-I.

Solid State Drives[bewerken]

Solid State Drives zijn een nieuwe soort harde schijf. De gegevens worden door middel van een gloednieuwe techniek opgeslagen. SSD's zijn compleet stil, omdat ze geen bewegende onderdelen bevatten. Ook zijn ze een stuk sneller dan SATA-schijven, onder andere omdat in een SATA-schijf de schijf zelf eerst in de juiste positie moet worden gedraaid voor hij met een laser kan worden uitgelezen. Ook zijn SSD's een stuk kleiner en lichter, en meer schokbestendig dan de oude schijven.

Op dit moment zijn SSD's nog erg duur vergeleken met SATA-schijven. De capaciteit is meestal ook een stuk minder. SSD's met 2 Terabyte bestaan al wel, maar kosten rond de €8.000,-. Wat meer betaalbare groottes liggen tussen de 16 en 64 Gigabyte.

SSD's worden ook aangesloten via SATA-kabels, en passen meestal in een interne 1,8, 2,5 of 3,5 inch-bay. Ook zijn er SSD's op de markt die in een PCI-Express slot kunnen worden geklikt, en er zijn kleine SSD's die in een SATA- of PATA-aansluiting kunnen worden geklikt (in plaats van een kabel).

Optische schijven[bewerken]

Een DVD-speler van het merk LG.

Optische schijven (optical drives) zijn natuurlijk ook handig in een computer. Voorbeelden van optische schijven zijn CD-, DVD- en BluRay-spelers en -branders. Het principe van een optische schijf werkt hetzelfde als van een harde schijf: Het heeft een maat (praktisch altijd 5,25 inch) en een aansluiting die, net als bij harde schijven, een IDE- (of PATA) of SATA-aansluiting is.

Zoals in het vorige hoofdstuk al gezegd, zitten in een computerkast een aantal interne bays. Dan moeten er natuurlijk ook externe bays zijn. De meeste computerkasten hebben een stuk of 4 externe bays van 5,25 inch en sommigen hebben er ook 1 of 2 van 3,5 inch. In de 5,25 inch-bay kan een optische drive met dezelfde maat worden geschoven. Vervolgens wordt deze aan de binnenkant op het moederbord aangesloten met de kabel. Wat betreft de versies van de kabels (zie ook Interne harde schijven), lopen optische schijven een stuk achter. Optische schijven met SATA-II/300 zijn er nog niet veel, en schijven met SATA-III/600 zijn er nog helemaal niet. De meest recente (en meest gebruikte) versie is op dit moment dus SATA-I of SATA-150.

De voeding[bewerken]

De voorkant van een voeding. Te zien zijn: De aan/uit-schakelaar, de aansluiting voor de kabel naar het stopcontact en de ventilator om de voeding te koelen.

Een voeding is essentieel voor de computer; hij voorziet alle onderdelen van stroom. In principe is de voeding één grote adapter: Er gaat netstroom in op 230 Volt, en er komt stroom op verschillende (kleinere) voltages uit.

Kenmerken[bewerken]

Er zijn een aantal dingen waar u in het algemeen op moet letten bij de aanschaf van een voeding. Het eerste is het vermogen (wattage). Dat is letterlijk de kracht die de voeding levert. Er bestaan verschillende online calculators voor hoeveel Watt u nodig heeft voor een bepaald systeem. In het algemeen geldt:

  • Een goedkoop, basis systeem - 300-400 Watt
  • Thuis/kantoor-computer - 400-500 Watt

Voor gespecialiseerde systemen en high-end game systemen kan een stuk meer vermogen nodig zijn, soms wel tot 900W.

Verder kan het handig zijn om te kijken naar het maximum aantal Ampères op bepaalde uitgangen. De 12 Volts-uitgang wordt vooral gebruikt door de processor en de videokaart; het is dus belangrijk dat hier voldoende spanning op kan staan. Maar meestal is het niet nodig om hiernaar te kijken, aangezien het wattage vaak genoeg zegt.

Ook is het belangrijk om een goed merk voor de voeding te kiezen. Een 500 Watt voeding van een goedkoop, onbekend merk levert misschien evenveel vermogen als een 350 Watt voeding van een gespecialiseerd merk.

De aansluitingen[bewerken]

Een voeding met een aantal aansluitingen die ervoor liggen. De aansluiting onderaan is een Molex-connector en de grote aansluiting rechts-onder is een 20-pins moederbord aansluiting.

Een voeding heeft, net als een moederbord, een standaard (bijvoorbeeld ATX). De standaard bepaalt hoeveel en wat voor aansluitingen de voeding in ieder geval moet hebben. Voorbeelden van kabels zijn:

  • De moederbord-aansluiting. Dit is de belangrijkste stroom-aansluiting in de computer. De aansluiting is 20- (oud) of 24-pins (nieuw). Er zijn ook kabels waaraan een 20+4-pins aansluiting aan zit, zodat de kabel zowel aan oude als aan nieuwere moederborden kan worden aangesloten.
  • De processor-aansluiting. Deze aansluiting is 4-pins. Sommige voedingen hebben ook een 8-pins aansluiting voor systemen die met 2 processors werken.
  • De 6-pins PCI-E aansluiting. Deze aansluiting is om PCI-E kaarten (videokaarten, geluidskaarten, netwerkkaarten) van stroom te voorzien.
  • Voor harde en optische schijven, en andere onderdelen die van SATA-kabels gebruik maken, heb je de SATA-aansluiting.
  • Soms kun je voor schijven ook gebruik maken van een easy-plug aansluiting. Deze aansluiting is gemakkelijker aan te sluiten, maar werkt minder efficiënt.
  • Sommige voedingen hebben een aparte floppy-drive aansluiting. Deze wordt niet veel meer ondersteund, aangezien floppy's bijna niet meer gebruikt worden.
  • Voor LCD-schermpjes, USB-apparaten, ventilatoren en andere overige onderdelen heb je 4-pins Molex-aansluitingen. Deze bestaan uit 4 draden: 2 aardedraden, een draad met 5V en een draad met 12V.

De kast[bewerken]

Uiteindelijk is het de bedoeling dat alle bovengenoemde onderdelen in een computerkast terecht komen, zodat ze daarna gebruikt kunnen worden. Hier een lijstje van waar u op moet letten bij het aanschaffen van een kast:

  • Het uiterlijk. De kast is het onderdeel wat het meest in zicht staat (behalve de monitor e.d.). Daarom is het fijn om een kast te hebben die mooi of juist onopvallend is. Er zijn grote kasten, kleine kasten, kasten met een plexiglas raampje erin, staande kasten, liggende kasten, donkere kasten, lichte kasten en combinaties hiervan.
  • Het aantal drive bays. Zoals al eerder gezegd, worden harde schijven in interne bays geplaatst en optische schijven in externe bays. In externe bays kunnen ook kaartlezers, LCD-schermpjes en andere extra's worden geplaatst. Daarom is het handig om genoeg externe (5,25" en 3,5") bays te hebben, met eventueel nog een marge erin. Interne bays zijn er meestal wel genoeg, tenzij u een speciale maat nodig heeft - zoals 1,8", 2,5" of 5,25". Overigens zijn er ook genoeg adapters te koop om (bijvoorbeeld) twee 2,5" schijven in een enkele 3,5" bay te stoppen.
  • De standaard van de kast. Meestal is dit ATX/Micro-ATX. Dit heeft te maken met welk moederbord er in de kast past. In een ATX-kast passen ATX- en Micro-ATX-moederborden, maar in een Micro-ATX-kast passen vaak geen ATX-moederborden, omdat die een stuk kleiner zijn. Als u gewoon dezelfde standaard als uw moederbord en voeding kiest, zit u eigenlijk altijd goed.
  • De ruimte voor de videokaart. Sommige nieuwere videokaarten zijn aan de ruime kant - soms tot wel 25cm lang. Het is belangrijk om te kijken of de videokaart wel in de kast past, aangezien dat wel handig is als u hem ook wilt gaan gebruiken.
  • Is er een voeding aanwezig? Bij sommige kasten zit al een standaard voeding geleverd, deze is vaak van slechte kwaliteit. Toch zit deze in de prijs meegerekend, terwijl u hem misschien al na een paar weken moet vervangen door de herrie.
  • De aansluitingen aan de voorkant. Vaak zitten er 2 USB-aansluitingen, een headset- en een microfoon-aansluiting op de voorkant van de kast. Soms zit er nog wat extra's, zoals een fancontroller om ventilatoren in de kast harder of zachter te zetten.

De koeling[bewerken]

Een voorbeeld van de perfecte airflow. Er wordt gebruik gemaakt van fans voor, achter en aan de bovenkant. Soms zit er ook nog een fan aan de onderkant.

Een goede koeling is erg belangrijk. Als de temperaturen te hoog oplopen kan hardware instabiel worden en minder goed functioneren. Om lage temperaturen te bereiken moet er een goede airflow aanwezig zijn. Dat betekent dat er een duidelijke, constante luchtstroom moet zijn. Meestal begint de luchtstroom aan de voor-onderkant, waar een ventilator (fan) lucht naar binnen blaast. De luchtstroom eindigt aan de achter-bovenkant, waar hij weer naar buiten wordt geblazen. Eventueel zitten er ook nog fans aan de bovenkant, de onderkant of aan de zijkant.

Bij de perfecte airflow wordt evenveel lucht naar binnen gezogen als dat er naar buiten wordt geblazen. Anders ontstaat er een onder- of bovendruk die moet worden gecompenseerd door gaten en kieren in de behuizing.

Luchtkoeling[bewerken]

Luchtkoeling maakt alleen gebruik van fans. Standaard maten (van doorsnede) voor fans zijn 80mm, 92mm, 120mm en 140mm, maar er zijn ook kleinere (70mm) en grotere tot wel 200mm. Over het algemeen geldt: Hoe groter de fan, hoe minder snel hij hoeft te draaien voor een evengrote luchtverplaatsing. En: Hoe minder snel een fan draait, hoe minder geluid hij produceert.

Aansluitingen voor fans zijn:

  • 2-pins: Alleen een stroomvoorziening.
  • 3-pins: Stroomvoorziening, en nog een kabel om het RPM (rounds per minute, draaisnelheid) door te geven.
  • 4-pins: Het bovenstaande, maar dan met een mogelijkheid voor PWM. Dat is een techniek om de draaisnelheid van de fan te regelen.
  • 4-pins molex: Een stroomvoorziening met 2 aardedraden, 1 12-Volts draad en een 5-Volts draad. Hiermee kunnen 3 voltages mee worden ingesteld: 5V, 12V en 7V. Voor dat laatste moet je geen aardedraad gebruiken, maar de fan aansluiten op de 5V en de 12V draden. Meestal geldt: Hoe hoger het Voltage, hoe sneller de fan draait.

Waterkoeling[bewerken]

Een systeem met waterkoeling.

Waterkoeling maakt ook gebruik van fans. Alleen spelen de fans hier maar een bijrol. De hoofdrol is water, dat door middel van buizen en een reservoir door het systeem stroomt. Het (koude) water warmt op door de warmte in de kast, en daardoor wordt het in de kast koeler. Vervolgens stroomt het water verder naar het reservoir om af te koelen. Hierbij spelen de fans een rol.

Het besturen van fans[bewerken]

Als fans te veel lawaai maken, kan het zijn dat je ze zachter wilt zetten. Als een fan op het moederbord is aangesloten, kan dit via bepaalde programma's gebeuren. Anders kunnen ze nog via de molex-aansluiting op 3 Voltages worden gezet (zie hierboven de uitleg over 5, 7 en 12 Volt). Tot slot kunt u nog een fancontroller kopen. Dit is een klein apparaat wat u in een externe 3,5" of 5,25" bay kunt schuiven. De complexiteit van een fancontroller varieert van een paar simpele draaiknopjes tot een LCD touchscreen van €250,- wat 2 5,25" bays in beslag neemt, en 16 fans kan besturen.

Informatie afkomstig van http://nl.wikibooks.org Wikibooks NL.
Wikibooks NL is onderdeel van de wikimediafoundation.