Oudgrieks/Blok 1/4-Tekst in vertaling
Uiterlijk
| Bij Athene ligt een groot schip voor anker en wacht op de burgers. |
| Het grote schip brengt de burgers naar Kreta. |
| De heerser van Athene stuurt de burgers weg, |
| want zij doden de herten met pijlen. |
| Nu deden zij onrecht door de heilige dieren van de goden te doden. |
| Artemis zal niet goedgezind zijn aan de mensen, |
| want herten zijn gewijd aan Artemis. |
| Dus vraagt zij Poseidon haar te helpen: |
| Artemis: (O) Poseidon, waarom help jij mij niet? |
| Ik wil de mensen schade toebrengen door hun woorden en daden |
| Poseidon: Waarom zal ik dat voor jou doen? Ik wil de mensen niet kwellen met rampen. |
| Wees niet slecht en verhinder hun niet want de Atheners brengen (aan) hun al schade toe! |
| Artemis begrijpt nu de woorden van Poseidon: |
| zij maakt voedsel voor de herten. |
| En de burgers? Zij zullen op Kreta eerbewijzen voor Artemis maken. |