Computers voor beginners/Het toetsenbord

Uit Wikibooks
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Het toetsenbord dient om tekst in te voeren in de computer. Dit doe je door teken per teken de juiste toets of toetsencombinatie in te drukken, zodat een voor een de gewenste tekens op het scherm verschijnen.

Het uitzicht van een toetsenbord is deels overgenomen van een mechanische typemachine. Een deel van de functionaliteit komt ook overeen met dit traditionele apparaat. Zo zul je voor elke letter die je wil typen op het scherm, op de toets moeten tikken die die letter bevat. 'Tikken' betekent hier kort indrukken en loslaten, zoals op een klassieke mechanische typemachine. Er zijn echter ook toetsen voorzien waar geen letters op staan. De functies van deze toetsen worden een voor een overlopen:

Speciale Toetsen[bewerken]

Spatiebalk[bewerken]

Onderaan je toetsenbord heb je een brede langwerpige toets, dit is de spatiebalk. Deze toets dien je in te drukken om een lege ruimte tussen woorden te laten. Telkens je dus zo een 'spatie' wilt plaatsen, druk je (zoals je voor een gewone letter zou doen) op de spatiebalk.

Enter (Return)[bewerken]

Deze toets is ook meestal redelijk wat groter dan de andere en bevindt zich rechts op het toetsenbord. Je zal op deze toets moeten drukken om een nieuwe lijn te beginnen. Ook wordt deze toets dikwijls gebruikt om een keuze in de computer te bevestigen of verder te gaan naar het volgende.

Backspace[bewerken]

De backspace knop bevindt zich boven de Enter knop, en dient om een teken dat je foutief hebt getypt terug te verwijderen. Als je meermaals na elkaar op deze knop tikt, zul je keer op keer terug een teken verwijderen van het scherm. Als je de toets ingedrukt houdt, zul je heel snel tekens verwijderen. Let hiermee op! Je kan plots te ver verwijderd hebben en een deel van je juiste tekst ook hebben doen verdwijnen!

Shift[bewerken]

De shift knop wordt gebruikt om hoofdletters te typen. Deze toets bevindt zich zowel links als rechts op het toetsenbord en ziet eruit als een lege opwaartse pijl. Je mag steeds kiezen welke van de twee shift toetsen je gebruikt. Als je met een vinger de shift knop ingedrukt houdt en vervolgens (terwijl je nog steeds op shift drukt) op een lettertoets tikt, zal de hoofdletter verschijnen in plaats van de kleine letter. Je zal bovendien ook de shift toets nodig hebben om (bij azerty) de cijfers te typen of bepaalde tekens zoals * en %. De werkwijze is dan exact hetzelfde als bij het typen van een hoofdletter. Als je meerdere tekens op een enkele toets ziet staan, zal je het onderste teken krijgen als je gewoon op de toets tikt, en het bovenste als je met shift erbij op die toets tikt.

Shift Lock of Caps Lock[bewerken]

Deze knop dient om je te helpen als je veel hoofdletters of cijfers na elkaar wilt typen. Dat is immers niet zo eenvoudig, want dan moet je voortdurend met een hand de shift knop ingedrukt houden terwijl je met de andere de letters aantikt. Als je een keer op Caps Lock (of Shift Lock) tikt, zal het daarna zijn alsof je steeds de shift knop ingedrukt houdt. Je zal dus allemaal hoofdletters krijgen als je nu de lettertoetsen aanslaat! Om je toetsenbord terug in de gewone modus te zetten, druk je nog eens op Caps Lock. Hiermee is de 'virtuele shift' terug losgelaten.

Alt Gr[bewerken]

Bij sommige toetsen staat er nog een derde teken rechtsonder op de toets. Om dit teken te typen moet je niet shift, maar Alt Gr ingedrukt houden terwijl je de toets aantikt. Alt Gr bevindt meestal rechts naast de spatiebalk.

Windows toets[bewerken]

De windows toets bevat het icoontje van Windows. Als je op deze toets tikt, zal het startmenu van Windows openen.

Esc[bewerken]

De escape toets, kortweg Esc, wordt soms gebruikt om uit een programma te gaan. Deze toets bevindt zich linksboven op het toetsenbord.

Ctrl[bewerken]

De Control toets, kortweg Ctrl, wordt gebruikt samen met andere toetsen om bepaalde taken uit te voeren in programma's. Ctrl samen met de 'S' toets zal bijvoorbeeld iets opslaan.

De Functietoetsen (F1, F2, F3 ...)[bewerken]

Deze toetsen bevinden zich meestal helemaal bovenaan het toetsenbord en zullen een speciale functie hebben afhankelijk van het programma dat je aan het gebruiken bent. Zo zal je bijvoorbeeld F2 kunnen gebruiken om de naam van een geselecteerd bestand te veranderen, of F11 om een website op volledig scherm weer te geven.

Opgelet: soms zullen er op deze toetsen naast F1, F2 ... ook symbooltjes staan zoals een zonnetje en een luidsprekertje. Dit is afhankelijk van de fabrikant van het toetsenbord. In dat geval zul je onderaan het toetsenbord nog een speciale toets hebben: Fn. Als je de functietoetsen dan wilt gebruiken, zul je net als bij shift en bij Alt Gr de Fn toets ingedrukt moeten houden terwijl je op de gewenste functietoets drukt. Als je op de functietoets drukt zonder tegelijk op Fn te drukken, zal de taak uitgevoerd worden die door het symbooltje wordt uitgebeeld. Die taken zijn volledig afhankelijk van wat de toetsenbordfabricant handig vond om een extra toets voor te hebben, maar dikwijls zijn dit toetsen om het geluidsniveau te verhogen of verlagen of om de helderheid van het beeldscherm aan te passen.

Pijltjestoetsen[bewerken]

De pijltjestoetsen zijn vier afzonderlijke toetsen die zich meestal ergens onder de enter toets en rechts van de spatiebalk bevinden. Ze zijn bijna altijd als een omgekeerde T geplaatst, met de vier pijltjes steeds naar buiten wijzend. Deze toetsen zal je dikwijls gebruiken om iets op het scherm te verplaatsen. Dit 'iets' kan vanalles zijn, zoals een indicator in een keuzemenu of de cursor. Dit is een knipperend lijntje dat aangeeft waar op het scherm je aan het typen bent. Als je een lettertoets indrukt, zal die letter verschijnen op de plek van de cursor, en schuift de cursor automatisch op tot achter de nieuwe letter. Als je bijvoorbeeld een woord bent vergeten schrijven in een zin, kan je de cursor naar links verplaatsen door op de linker pijltjestoets te drukken tot je op de plek bent waar het woord moet komen. Dan kan je het woord typen en zal het op die plaats verschijnen. Om terug aan het einde van de zin te typen, moet je je cursor terug achter het laatste woord plaatsen door op de rechter pijltjestoets te drukken. Als je een keer op een pijltje drukt, verplaats je meestal de cursor een teken. Als je de pijltjestoets ingedrukt houdt, zal de cursor blijven in die richting verplaatsen tot je loslaat.

Delete[bewerken]

Deze toets is vergelijkbaar met de backspace toets. Delete verwijderd echter het teken na de cursor in plaats van het teken voor de cursor. Ook hier kan je meerdere tekens snel verwijderen door de delete toets ingedrukt te houden. Opnieuw is hiermee enige voorzichtigheid noodzakelijk.

Informatie afkomstig van http://nl.wikibooks.org Wikibooks NL.
Wikibooks NL is onderdeel van de wikimediafoundation.