Geschiedenis van de filosofie/Antieke filosofie: verschil tussen versies

Naar navigatie springen Naar zoeken springen
wikilinks
 
(wikilinks)
 
[[Bestand:Turkey ancient region map ionia.JPG|thumb|left|200px|Ionië, oorsprong van de vroege Griekse filosofie, in het westen van Klein-Azië.]]
De '''westerse filosofie''' laat men in het algemeen beginnen in de '''Griekse steden van westelijk Klein-Azië''' ([[w:Ionië|Ionië]]) met [[Thales van Milete]], een filosoof die actief was rond [[585 v.Chr.]] en ons de obscure uitspraak "alles is water" naliet. Zijn bekendste studenten waren [[w:Anaximenes van Milete|Anaximenes van Milete]] ("alles is lucht") en [[Anaximander over de natuur|Anaximander]] (alles is [[Filosofisch woordenboek#A|apeiron]]).
 
Andere denkers en scholen verschenen de komende paar eeuwen in heel [[Griekenland]]. De belangrijkste ervan waren [[Heraclitus over de natuur|Heraclitus]] ("alles is vuur", "alles is [[Chaos (situatie)|chaos]] en van voorbijgaande aard"), [[w:Anaxagoras|Anaxagoras]] ("de werkelijkheid is zo geordend dat ze wel beheerst moet zijn door geest"), de pluralisten en [[AtomismeFilosofisch woordenboek#A|Atomisten]] ("de wereld is composiet en samengesteld uit ontelbare interagerende deeltjes"), de [[Filosofisch woordenboek#E|Eleaten]], [[w:Parmenides|Parmenides]] en [[w:Zeno van Elea|Zeno van Elea]] ("alles is een en verandering is onmogelijk"), de [[Filosofisch woordenboek#S|sofisten]] (die beweerden dat waarheid slechts opinie is en vanwege hun onethische argumentatie bij Plato een slechte reputatie hadden). Deze hele beweging werd geleidelijk meer geconcentreerd in [[Athene]], dat uitgegroeid was tot de dominante stadstaat van [[Griekenland]].
 
Er is veel discussie over de reden waarom nu precies de Atheense cultuur filosofie zou aangemoedigd hebben. Een populaire theorie zegt dat de reden ervan ligt in het feit dat Athene een directe [[democratie]] had. Het is bekend uit [[Plato]]'s geschriften dat veel sofisten in scholen gerespecteerde leden van de samenleving de kunst van het debat aanleerden, en dat ze goed werden betaald door hun studenten. Redenaars beïnvloedden de loop van de Atheense geschiedenis, en waren soms verantwoordelijk voor falende ondernemingen, zoals in het geval van de Slag bij Lade. Een andere theorie zoekt de verklaring voor de geboorte van het filosofische debat in Athene in de aanwezigheid van slavenarbeid, waardoor de de vrije mannelijke burgers meer (vrije) tijd hadden om zich met andere dingen bezig te houden. Bevrijd van het werken in de velden of andere economische activiteiten, waren zij in staat deel te nemen aan de Atheense vergaderingen en zich gedurende lange perioden te wijden aan de discussies over populaire filosofische vragen. Studenten van de sofisten trachtten van hen de vaardigheden te leren die hen in staat zouden stellen om in debat de Atheense Volksvergadering te kunnen beïnvloeden en daardoor meer respect en rijkdom te verwerven. In reactie hierop werden de onderwerpen en de argumentatiemethoden sterk ontwikkeld door de sofisten.
 
Alle Griekse filosofie van voor de tijd van [[Filosofisch woordenboek#S|Socrates]] staat bekend als de [[Filosofisch woordenboek#P|presocratische filosofie]]. Deze filosofie was hoofdzakelijk [[w:kosmologie|kosmologisch]] en [[kosmogonieFilosofisch woordenboek#K|kosmogonisch]] van aard. De Presocraten zochten in de eerste plaats naar een fundamentele verklaring voor de natuurverschijnselen die zij om zich heen waarnamen, zoals [[zonsverduistering|zons-]] en [[maansverduistering]]enmaansverduisteringen en de jaarlijks terugkerende overstromingen van de [[Nijl]] nadat [[siriusw:Sirius (ster)|Sirius]] was opgekomen. Zij deden daarbij bewust geen beroep op de traditionele [[Oud-Griekse godsdienst]].
 
De sleutelfiguur in de transformatie en eenmaking van de Griekse filosofie is Socrates, die zelf ook onder verschillende sofisten studeerde. Naar verluidt zou hij na een bezoekje aan het [[w:Orakel van Delphi|Orakel van Delphi]] een groot deel van zijn leven in de straten en openbare gebouwen van Athene doorgebracht hebben om te ondervinden of het echt zo was niemand in de stad wijzer was dan hij. Door middel van levendige dialogen onderzocht hij op een kritische manier een aantal begrippen die gewoonlijk als probleemloos werden beschouwd. Socrates wees erop dat het bij concepten als schoonheid en waarheid, de deugden van vroomheid, wijsheid, matigheid, moed en rechtvaardigheid toch vaak aan een heldere definitie ontbrak. Doordat hij zich bewust was van zijn eigen onwetendheid, kon hij ook zijn eigen fouten ontdekken, alsook de fouten van degenen die beweerden kennis te bezitten. Deze kennis ontmaskerde hij in een dialoog als [[w:falsifieerbaarheid|falsifieerbaar]] of gebaseerd op onduidelijke grondregels en overtuigingen. Hij schreef zelf niets, maar inspireerde vele volgelingen, waaronder veel zonen van vooraanstaande Atheense burgers (zoals [[Plato]]. Uiteindelijk zou dit leiden tot zijn proces en executie in [[399 v.Chr.]] Hij werd ervan beschuldigd dat zijn filosofie sofisterij was die de [[vroomheid]] van de jeugd ondermijnde en de morele kern van Athene aantastte. Hij kreeg een kans om zijn lot te ontvluchten maar verkoos om in Athene te blijven en trouw aan zijn principes de gifbeker met [[dollekervel]] te ledigen.
 
Socrates' belangrijke leerling was [[Plato]], die oprichter werd van de [[w:Akademeia|Akademeia]] van Athene. Hij schreef een aantal dialogen, waarin hij filosofische problemen onderzocht volgens de [[Filosofisch woordenboek#S|socratische methode]]. Enkele centrale ideeën van Plato's dialogen zijn:
* de theorie van de [[Ideeënleer|Ideeën]] (of Vormen): de geest heeft een aangeboren vermogen om na te denken over concepten die uit een werkelijkheid van hogere orde stammen en die als onveranderlijk en universeel gelden, en kan zich deze kennis weer bewust maken
* het idee van de onsterfelijke ziel die superieur is aan het lichaam en aan de goden verwant
* het idee dat ware kennis leidt tot ware deugd
* het idee dat kunst ondergeschikt is aan ethiek
* het idee dat de samenleving van de [[stadstaat]] moet worden beheerst door een klasse van bezitloze filosoof-koningen, die de top van een hiërarchisch model vormen waarin iedere burger naar verdiensten zijn taak krijgt.
 
In de latere dialogen treedt Socrates minder prominent op, maar Plato maakte voordien waarschijnlijk al gebruik van de figuur van Socrates om ook zijn eigen filosofische gedachten te laten verwoorden. Interessant is dat Plato in zijn beroemdste werk, ''[[Plato/Staat (Plato)|De Staat (Politeia)]],'' de [[democratie]] bekritiseert, de [[tirannie]] veroordeelt en een drieledige maatschappelijke structuur voorstelt met ''werkers, wachters en filosofen''. Hij verdedigt hier ook als ideaal het opgeven van individueel bezit en volledige dienstbaarheid aan deze ideale staat. Geen onschuldige zou daar ooit ter dood gebracht worden dankzij het streven van de filosoof-koningen naar absoluut geldende waarheid, hun zorg voor het algemeen welzijn en het ontbreken van zelfzuchtige motieven bij deze klasse van regeerders.
 
Plato's belangrijkste leerling was [[Aristoteles]], misschien wel de eerste echte systematische filosoof. De [[Filosofisch woordenboek#L|logica]] van Aristoteles was de eerste vorm van logica die trachtte elk geldig [[Filosofisch woordenboek#|syllogisme]] te categoriseren. Een syllogisme is een vorm van argument waarvan de geldigheid van de conclusie gegarandeerd wordt door de veronderstelling dat deze vorm van redeneren aanvaard wordt door alle goed opgeleide personen. Een cruciale aanname in de Aristoteliaanse logica is dat het moet gaan om ''echte objecten''. Twee van Aristoteles' syllogismen zijn volgens moderne opvattingen ongeldig. Bijvoorbeeld: "Alle A zijn B. Alle A zijn C. Daarom zijn een aantal B C." Dit syllogisme faalt immers als verzameling A leeg is en B toch echte elementen bevat. In de syllogistische logica van Aristoteles zou dit echter wel gezegd kunnen worden, want zijn logica mag alleen worden gebruikt voor dingen die echt bestaan (geen "lege klassen" dus.)
 
Een student in de de Aristotelische logica moest voorafgaand een vrij groot aantal syllogismen uit het hoofd leren. Diagrammen hielpen bij het memoriseren ervan, alsook het leren van een sleutelzin waarbij de eerste letter van elk woord naar de naam van een syllogisme verwees. Elk syllogisme had dus een naam, bijvoorbeeld: "Modus ponens" had de vorm van "Als A waar is, dan is B waar. A is waar, dus is ook B waar." De meeste studenten memoriseerden zijn 19 syllogismen over twee onderwerpen wat hen in de gelegenheid stelde om [[w:Subject (filosofie)|subject]] en [[w:Object (filosofie)|object]] op een geldige manier met elkaar te verbinden. Een paar begaafde studenten ontwikkelden systemen met drie onderwerpen, of beschreven een manier om de regels met drie onderwerpen uit te werken.
 
Aristoteles verwierp echter de Ideeënleer van Plato en daarmee ook de op deze leer gebaseerde verklaringen voor filosofische vraagstukken. In plaats daarvan probeerde hij door middel van [[empirismeFilosofisch woordenboek#E|empirisch]] onderzoek naar alternatieve verklaringen te zoeken. Hij analyseerde daarbij onder meer de [[taal]] in een poging de structuur van de werkelijkheid te doorgronden, en legde zo de eerste fundamenten voor moderne wetenschappen als de [[biologie]], de [[scheikunde]], de [[natuurkunde]] en de [[politicologie]].
 
{{sub}}
7.377

bewerkingen

Informatie afkomstig van https://nl.wikibooks.org Wikibooks NL.
Wikibooks NL is onderdeel van de wikimediafoundation.

Navigatiemenu