Sjabloon:Rekenen in de techniek/Grafieken y=ax
Doel van het sjabloon
In dit sjabloon wordt beschreven hoe de grafiek van een eerste-graads functie eruit ziet in zijn simpelste vorm: y = ax, en welke eigenschappen deze grafiek heeft. om de tekst in meerdere boeken te kunnen gebruiken is deze in sjabloon gezet.
Dit sjabloon wordt in meerdere boeken gebruikt, controleer "Links naar deze pagina" om te kijken in welke boeken.
Parameters
Omdat het sjabloon in meerdere boeken kan worden gebruikt zijn er een aantal parameters. Deze parameters maken het mogelijk verwijzingen via een link bij de juiste pagina in het juiste boek uit te komen. De parameters dienen bij de call van het sjabloon de juiste paginanaam te bevatten, zonder de dubbele blokhaken.
- Inleiding
- Verwijst naar de inleidende pagina van het hoofdstuk over grafieken.
Invoegtekst
{{Rekenen in de techniek/Grafieken y=ax
| Inleiding = Wiskunde voor MBO techniek 1/Grafieken inleiding
}}
Recht evenredig
| x | y | y/x |
|---|---|---|
| -2 | -6 | 3 |
| -1 | -3 | 3 |
| 0 | 0 | 3 |
| 1 | 3 | 3 |
| 2 | 6 | 3 |
| 3 | 9 | 3 |
| 4 | 12 | 3 |
De eerste relatie tussen twee grootheden waar je naar gaat kijken is die waarin de verhouding tussen de twee grootheden een vaste waarde heeft. In tabel 1 (links) zie je een voorbeeld waarin deze verhouding gelijk is aan 3. Steeds geldt dat als x 1 groter wordt, y 3 groter wordt. Wordt x 3 groter dan is y 9 groter. Wordt x twee kleiner, dan is y 6 kleiner. Maar ook steeds is waar dat de waarde van y gedeeld door die van x steeds "3" is. In grafiek 1 (rechts) zie je de uitgerekende punten aangegeven als rode cirkels. Kijkend naar de grafiek zie je:
- Er zijn dikkere en dunnere horizontale en verticale lijnen, de rasterlijnen.
- De dikke lijnen worden de assen van de grafiek genoemd.
- Als 0 (nul) één van de waarden voor de rasterlijnen is, wordt deze rasterlijn vaak, maar niet verplicht, als as van de grafiek gebruikt en dikker getekend.
- Buiten de grafiek staan de waarden aangegeven die bij de rasterlijnen horen. Deze tekst wordt as-bijschrift genoemd, ook als ze zoals hier niet direct naast de as staan.
- Het aantal as-bijschriften bij de rasterlijnen ligt meestal tussen de drie en de zes. In figuur 1 is het aantal bijschriften voor beide assen 4. Het bereik van de verticale as is groter dan dat van de horizontale as, daarom heeft deze as 5-vouden als bijschrift en de horizontale 2-vouden.
Zet je minder bijschriften bij de assen dan wordt het lastig tellen welke waarde bij een tussenliggende rasterlijn hoort. Zet je er meer, dan zie je door de bomen het bos niet meer. - De rasterlijnen worden altijd zo gekozen dat er ronde waarden bij geschreven kunnen worden, dat wil zeggen: een 1-, 2-, 4- of 5-voud van de gebruikte eenheid. In figuur 1 is de gebruikte eenheid op zowel de horizontale als de verticale as "1".
- In de grafiek is ook een lijn getekend die de uitgerekende punten met elkaar verbindt, de grafiek van de vergelijking y = 3x
- Het punt in de grafiek waarvoor x = 0 en y = 0 wordt de oorsprong van de grafiek of kortweg oorsprong genoemd.
Formule
Grafiek en oorsprong
Eigenschappen van de recht-evenredige grafiek
- de functie bij deze grafiek is: y = ax
- de grafiek van de functie is een rechte lijn
- de grafiek gaat door de oorsprong