Naar inhoud springen

Basisboek internet/Faciliteiten

Uit Wikibooks

Basisboek internet

Inleiding
Toegang
Faciliteiten
Veiligheid
- zie Wikiboek
Netiquette
- zie Wikipedia
Zoeken op het internet
Index

Wat heeft internet te bieden? Waarom zou je internet gebruiken?
Het korte antwoord is: voor allerlei soorten communicatie op afstand, vanaf bijna elke plaats ter wereld; om gemakkelijker informatie te vinden, te delen èn zelf te kunnen publiceren, niet alleen tekst, maar bijvoorbeeld ook afbeeldingen, video's, geluidsfragmenten en muziek; om sociale contacten te onderhouden, ook als men ver uit elkaar woont; om op afstand te winkelen, werken, vergaderen en bankzaken te regelen: men hoeft daarvoor niet meer per se de deur uit, naar een winkel, kantoor resp. bank. En nog veel meer.

In dit hoofdstuk komen verschillende verschijningsvormen van internet aan bod, met de daarbij behorende faciliteiten, toepassingen voor eindgebruikers. Het internet hangt bovendien van protocollen aan elkaar. Daarom is ook steeds vermeld welk protocol voor een verschijningsvorm wordt gebruikt.

World Wide Web

[bewerken]

(Protocol: HTTPS; let er op dat in de URL de "s" erachter staat als je vertrouwelijke/persoonlijke gegevens verstuurt)

Het meest bekende onderdeel van internet is het World Wide Web, afgekort tot WWW. Het WWW biedt talloze websites met informatie en andere diensten. Een website kan enkele of vele webpagina's bevatten, net zoals een boek pagina's bevat. Anders dan in een boek, kun je tussen webpagina's surfen (navigeren op het internet), van de ene naar de andere webpagina, zowel binnen een website als tussen websites, afhankelijk van de aangebrachte hyperlinks. Daarnaast kunnen webpagina's zijn opgemaakt in een prettige lay-out.

Op webpagina's komen in de regel hyperlinks voor (de meestal blauwe woorden op een webpagina), waarop je kunt klikken en zo naar een andere webpagina kunt surfen. In plaats van hyperlinks, staan er ook wel eens buttons op webpagina's: knoppen waarmee een bezoeker een bepaalde actie kan uitvoeren, bijvoorbeeld bij een keuzemogelijkheid uit twee of meer opties, doorgaan naar een volgende pagina of vraag (zoals in een enquête of examen) of het bevestigen van een bestelling.

Communicatie tussen client (eindgebruiker) en server van website

Voor de communictie tussen het apparaat van de eindgebruiker en de betreffende websites dienen aan de gebruikerskant een webclient (d.w.z. pc, laptop of mobiel device, mèt een browser of geschikte app) en aan het andere uiterste een webserver aanwezig te zijn. Zo'n webserver levert uitvoer van computerprogramma's zoals webpagina's, gegevens (gestructureerd in bijvoorbeeld een tabel, of ongestructureerd in tekst en/of plaatjes), documenten en bestanden. Een webserver kan ook diensten verlenen, zoals een lijst met antwoorden leveren (via zoekmachines) en bestellingen opnemen. De webbrowser of app (de wolk "Internet" in de afbeelding) zorgt vervolgens voor de communicatie met de computer van de eindgebruiker, waardoor een webpagina er op de computer van de eindgebruiker net zo uitziet als op de webserver aan de andere kant bedoeld is.

Opbouw van webpagina's

[bewerken]

Er zijn vele soorten webpagina's. De Hoofdpagina (ook wel "landingspagina") is in de regel de eerste pagina waarop je terecht komt, tenzij je rechtstreeks naar een subpagina bent gesurft. Vanuit die Hoofdpagina kun je meestal via hyperlinks verder surfen naar andere pagina's binnen de website. Als je vanuit een subpagina naar de hoofdpagina terug wilt: klik op het logo linksboven (indien aanwezig) of verwijder in de URL alles achter de extensie (zoals .nl, .be, .sr, .com).

Voorbeeld van de opbouw van een webpagina

Een webpagina kan vele vormen en soorten content hebben. Meestal bevat een webpagina de volgende onderdelen:

  • Bovenin (altijd): de URL, als het goed is beginnend met https:// (als dat niet zo is, kan er iets mis zijn, wees dan zeer voorzichtig met klikken op hyperlinks in de webpagina).
  • Daaronder vaak een smalle balk met hyperlinks naar meer informatie over de website ("Over ons" of "About us"), taalkeuze, contact (zoals naam, adres, telefoonnummer, e-mail-adres, route, openingstijden), zoeken op de website (vaak in de vorm van een vergrootglas), mogelijkheid om in te loggen, Help, e.d. Sommige van deze hyperlinks staan ook wel helemaal onderaan.
  • Dan volgt meestal de titel van de webpagina.
  • Er kan dan een rij met tabbladen zijn, zodat men rechtstreeks kan surfen naar het gewenste onderwerp, en niet afhankelijk is van hyperlinks in de tekst in het middendeel.
  • Het middendeel is geheel afhankelijk van het doel van de website. Er kunnen blokken met tekst en afbeeldingen zijn, hyperlinks, mogelijkheden om te bestellen en/of een reactie achter te laten. Er kan een pop-up verschijnen om te chatten met bijvoorbeeld de klantenservice van de website.
  • Links en/of rechts kunnen er kolommen zijn met hyperlinks naar bijvoorbeeld de inhoudsopgave van de betreffende webpagina, categorieën of veelgebruikte subpagina's op de website, maar die staan ook wel bovenaan.
  • Onderaan staan vaak de kleine lettertjes met hyperlinks naar het colofon, contact, privacybeleid en/of voorwaarden ("terms of use", waaronder auteursrechten/copyright/licenties voor de content op de website, maar die staan ook wel eens in het colofon) en als je geluk hebt een sitemap (een soort inhoudsopgave voor de hele website, in een boomstructuur) waarmee je rechtstreeks naar een subpagina naar keuze kunt surfen.

Binnen een website is er vaak wel eenheid aangebracht, dan staan alle vaste onderdelen altijd op dezelfde plaats op de verschillende subpagina's, en hebben ze ook eenzelfde basis lay-out.

Soorten websites

[bewerken]

Er zijn vele soorten websites, ze dienen verschillende doelen en soms een mix aan doelen. Hier een selectie van de meest voorkomende doelen:

  • Public relations: Vrijwel elke organisatie heeft een eigen website, in ieder geval in de Westerse wereld. Van zzp'ers, het kleine restaurant om de hoek en plaatselijke basisscholen tot overheden, multinationals en non-profit organisaties. Zij doen dat om zichzelf te presenteren, publiek te trekken (van potentiële klanten en leerlingen tot potentiële werknemers, sponsors/donateurs en leden), informatie over de organisatie te verschaffen en als stap om hun doelen te bereiken, wat die ook zijn.
Online-verkoop
  • Gemak en/of kostenbesparing: Veel websites gaan een stap verder en bieden ook mogelijkheden voor het online regelen van zaken, zoals verkoop van producten (bijvoorbeeld via webwinkels), reserveringen (horeca, cursussen, e.d.) en inschrijvingen tot het invullen van de belastingaangifte en het doorgeven van meterstanden. Commerciële dienstverlening is hiervan een onderdeel, zoals E-commerce (online winkelen en verkopen) en bankzaken.
  • Sociale interactie: Het sociale web is een verzamelterm voor alle sociale interacties via het World Wide Web, van twee deelnemers tot in principe de hele wereld. Het gaat onder andere om sociale netwerken, waaronder sociale media en dating-websites, maar ook professionele netwerken van beroepsgroepen en platforms voor freelancers, (web-)blogs, podcasts, samenwerking in online platforms om gezamenlijk iets moois tot stand te brengen, crowdfunding, samen spelletjes spelen (gamen), berichtenservices zoals chatten, het delen van content en bestanden (persoonlijk via een down- en uploaddienst, maar ook openbaar maken/publiceren via een website waar anderen bestanden weer vanaf kunnen downloaden of anderszins hergebruiken (bijvoorbeeld vele soorten bestanden via Wikimedia Commons en foto's via Flickr). Van het sociale web maken niet alleen individuen, maar ook bedrijven en de overheid gebruik, van het plaatsen van advertenties tot actief meedoen.
  • Informatievoorziening: Online toegang tot een schat aan informatie en kennis waarvan je wijzer wordt, op allerlei gebied, van medische zaken tot kunst en het heelal. Denk bijvoorbeeld aan toegang tot collecties van musea en archieven, tot rapporten, proefschriften, gescande boeken, artikelen uit kranten en tijdschriften en vele databanken, gecomprimeerde informatie in bijvoorbeeld Wikipedia, samengesteld door vrijwilligers en/of professionals, gratis of tegen betaling.
  • Onderwijs: het bieden van mogelijkheden tot leren op afstand. Van gratis te gebruiken online studieboeken (zoals hier op Wikibooks), lezingen en hoorcolleges tot al of niet betaalde online academische leergangen.
  • Vraag- en aanbod bij elkaar brengen, bijvoorbeeld:
    • Veiling- en verkoop-websites, waar particulieren en professionals tweedehands of zelfgemaakte spullen, verzamelingen en huizen, kunnen verkopen en aankopen. Bekende voorbeelden zijn Marktplaats] (officieel voor tweede-hands spullen in Nederland), Ebay] (idem maar dan wereldwijd), Etsy (idem, gespecialiseerd in unieke en creatieve producten) en Funda (voor huizen en ander vastgoed).
    • Vacaturesites en klussenplatforms, waarop werkgevers vacatures kunnen plaatsen en opdrachtgevers klussen en andere werkzaamheden. Hierdoor kunnen werknemers en zzp'ers gemakkelijker werk vinden. Er zijn algemene sites (zoals LinkedIn), maar ook speciale voor bepaalde beroepsgroepen. Steeds vaker kunnen werknemers ook solliciteren via zo'n platform.
  • Entertainment: zoals streaming van TV- en radio-programma's, films, video's en muziek, live meekijken in de natuur (van vogelnestjes tot wild spotten), en ook de vele mogelijkheden tot gamen (solo en met anderen van over de hele wereld, van onschuldig tijdverdrijf tot gokken met grote bedragen die mensen verslaafd maken en opzadelen met (grote) gokschulden). Entertainment wordt veelal aangeboden door bedrijven en organisaties, gratis of tegen betaling. Sinds de komst van YouTube, TikTok en de faciliteiten om podcasts te publiceren, kunnen ook individuen eigengemaakte filmpjes, muziek en praatprogramma's de wereld insturen.
  • Hulpmiddelen: websites waarop je even informatie haalt (maximaal enkele minuten, meestal veel korter) en daarna weer verder gaat met waar je mee bezig bent of weer verder surft. Voorbeelden:
    • Zoekmachines en linkpagina's (index-pagina's, webportalen).
    • Interactieve kaarten (voor geografische locaties)
    • Online vertaaldiensten
    • Naslagwerken zoals woordenboeken en telefoonboeken
    • Converters (omrekenaars), bijvoorbeeld koersconverters (zoals Koersconverter van Wisselkoers) en converters naar en van het metrieke stelsel (zoals graden Fahrenheit en Celcius, kilo's en ponden, meters en miles, liters en gallons), zie bijvoorbeeld Metric-conversions.
    • Chatbots gebaseerd op Artificial Intelligence (AI, Kunstmatige intelligentie), die kant-en-klare antwoorden leveren, tot speeches en artikelen toe. Sinds 2024 is AI breed beschikbaar via ChatGPT en andere AI-tools.

Let op: Denk bij gratis diensten altijd: "If you are not paying for it, you're not the customer, you're the product being sold"[1]. Oftewel: vele websites lijken gratis, maar je betaalt vaak met je privé-gegevens, die door de dienst worden opgeslagen, gecombineerd en als profiel doorverkocht aan bijvoorbeeld marketingbedrijven en adverteerders; ook kunnen ze een goudmijn zijn voor inlichtingen- en opsporingsdiensten.

Technische aspecten van webpagina's

[bewerken]

Websites zijn geschreven in de programmeertaal HTML, dit is de standaard opmaaktaal voor webpagina's. Een webbrowser kan deze taal lezen en omzetten naar een webpagina zoals die bedoeld is en die wij eindgebruikers meestal gemakkelijk kunnen lezen.

E-mail

[bewerken]
E-mail verbeeld

(Protocollen: SMTP voor het versturen van e-mail, POP voor de ontvangst van e-mail en IMAP voor de organisatie van e-mails op mailservers).

Met e-mail kun je berichten sturen aan iedereen van wie je het e-mail-adres kent, en andersom berichten ontvangen van iedereen die jouw e-mail-adres kent. E-mail vervangt voor een groot deel het postverkeer. In een e-mail kun je ook links naar webpagina's opnemen en je kunt er in beperkte mate bestanden in meesturen, zoals foto's, pdf-bestanden en filmpjes (de beperking geldt in ieder geval voor de omvang van de meegestuurde bestanden).

Om e-mail te kunnen versturen, ontvangen en bewaren zijn nodig:

  • Ten minste een eigen e-mail-adres/-account, vaak gekoppeld aan een internetprovider of aan een gratis e-maildienst zoals Gmail en Hotmail.
  • Een e-mailprogramma om e-mails te kunnen versturen en ontvangen, meestal gekoppeld aan de internetprovider of e-maildienst.
  • Een mogelijkheid om e-mails te bewaren en te ordenen in een mappenstructuur, gekoppeld aan het e-mailprogramma.

Zie E-mailen voor een instructie voor het opstellen en verzenden van e-mails.

Mobiele apps

[bewerken]
App icons op een smartphone

(Protocollen: dezelfde als voor WWW)

Een mobiele app, meestal afgekort tot "app", wat weer een afkorting is van applicatie, is een programmaatje dat draait op een smartphone of ander mobiel apparaat. Veel apps zijn een mobiele versie van dezelfde applicatie voor het web. Andere bestaan alleen of specifiek voor mobiele apparaten, zoals WhatsApp en Wordfeud.

Internet of things

[bewerken]
Internet of things

(Protocollen: MQTT en CoAp (Engelse Wikipedia))

Het Internet of things (internet der dingen, IoT) koppelt huishoudelijke apparaten, bewakingscamera's en andere voorwerpen aan het internet. Hierdoor kun je overal ter wereld bijvoorbeeld je huis en baby in de gaten houden, en de verwarming, het koffiezet-apparaat en de wasmachine aan- of uitzetten.

Uitwisselen van bestanden

[bewerken]

(officieel maar verouderd protocol: FTP)

Uitwisselen van bestanden

Allerlei soorten bestanden kunnen via internet worden uitgewisseld met één of meerdere anderen, tot zelfs de hele wereld. Het kan bijvoorbeeld gaan om foto's, filmpjes en/of documenten.

Uitwisselen van bestanden kan op diverse manieren. In het verleden werd veel gebruikt gemaakt van het FTP-protocol en er zijn nog steeds computers die het FTP-protocol gebruiken, maar dat protocol is verouderd (traag, problemen met data-integriteit en veiligheid). En het is vooral geschikt voor wie zelf kan programmeren.

Andere manieren zijn:

  • Via e-mail (alleen voor bestanden met een beperkte omvang, afhankelijk van de e-maildienst).
  • Via een File sharing service (bestandsdelingsservice):
    • Zo'n service kan te delen bestanden tijdelijk in de cloud opslaan, bijvoorbeeld een week zoals WeTransfer doet[2]. En vervolgens wordt via berichten (e-mails) de beoogde ontvanger op de hoogte gebracht, waarna die de bestanden kan downloaden op zijn/haar eigen computer, waarvan dan de verzender weer bericht krijgt.
    • Zelf te delen bestanden in de cloud opslaan (via een bestand-opslagdienst zoals Microsoft OneDrive) en de beoogde ontvangers zelf berichten en toegangscodes te sturen om zo toegang tot de dienst en de bestanden te bieden. Het is dan mogelijk om gezamenlijk aan een document te werken en/of bestanden op de eigen computer te downloaden.
  • Via een openbare website: als bestanden met de rest van de wereld kunnen worden gedeeld. Bijvoorbeeld foto's (via Flickr of andere fotodienst), filmpjes (via YouTube of TikTok) en allerlei soorten "educatieve" media via Wikimedia Commons. Ook via andere sociale media kunnen bestanden worden gedeeld.
  • Via een externe gegevensdrager, d.w.z. off-line (buiten internet om): te delen bestanden worden op een externe gegevensdrager (zoals een USB-stick of Dvd) gezet. Vervolgens worden ze weer van de gegevensdrager gedownload op de computer van de beoogde ontvanger via die gegevensdrager.
  • Via een weblink (bijvoorbeeld in een e-mail of ander bericht) als het bestand al op internet staat; de link is dan van het bestand zelf of van de webpagina waarop het bestand voorkomt.

Werken in de cloud

[bewerken]
Internet als cloud

Met Werken in de cloud kun je online werken zonder eigen bezit van (of met minder) computers, computerprogramma's en/of gegevensdragers. Men maakt dan gebruik van hardware, software en/of opslagcapaciteit (voor gegevens en software) die elders zijn en door anderen worden beheerd. Bijvoorbeeld: jouw e-mails die zijn opgeslagen bij de aanbieder van de maildienst en niet op je eigen computer; organisaties die computer- en/of opslagcapaciteit huren en daardoor geen/minder eigen computerservers en/of gegevensdragers nodig hebben; programma's die niet op je eigen computer draaien maar die je via internet aanroept als je ze nodig hebt.

Nieuws- en discussiegroepen

[bewerken]

Nog voordat het internet bestond, werden er al berichten uitgewisseld via Usenet (huidig protocol: NNTP). Usenet is een wereldwijd, gedecentraliseerd netwerk voor de uitwisseling van tekstberichten en binaire bestanden (o.a. afbeeldingen en filmpjes) binnen nieuwsgroepen. Vaak lopen deze groepen via universiteiten en hogescholen. Er zijn ook internet webservice providers en commerciële diensten die ze aanbieden[3].

Een nieuwsgroep wordt meestal gevormd door vakgenoten die nieuws en standpunten uitwisselen, elkaar attenderen op vacatures, cursussen, artikelen en lezingen, en zo op de hoogte blijven van wat er speelt op hun vakgebied.

In het internettijdperk, met WWW als belangrijk uithangbord, kwamen er alternatieven voor Usenet, zoals Internetforums en Question-and-answer websites (Engelstalige Wikipedia). Ook op sociale media kwamen er mogelijkheden voor groepen, waarbij je allereerst een account moet hebben voor het sociale medium zelf en vervolgens lid moet/kunt worden van de gewenste groep(en). Deze internet-groepen bleven niet beperkt tot een bepaald vakgebied, maar konden rond elk onderwerp geformeerd worden.

Telefoneren en videobellen via internet

[bewerken]

(protocollen:
1) voor beide èn voor streaming: RTP
2) voor telefonie: Voice over Internet Protocol (VoIP)
3) voor videobellen zie Standaaarden Videoconferentie)

Telefoneren via internet en videobellen, ook wel video-conferencing genoemd, zijn allebei mogelijkheden om via internet te bellen. Dat kan alleen met geluid (zoals ouderwet telefoneren) maar ook met beeld en geluid (video). Het bellen kan zowel in tweetallen als met meerdere personen tegelijk.

Bellen via internet kan gebuikt worden voor alle soorten overleggen tussen personen die niet op dezelfde lokatie zijn, waaronder: thuiswerken, vergaderingen en andere bijeenkomsten (zowel zakelijk als privé, ook om even bij te praten), onderwijs op afstand, gezondheidszorg op afstand, zowel om klachten met patiënten te bespreken, als voor overleg tussen zorgpersoneel onderling en bij medische handelingen waarbij ander zorgpersoneel kan meekijken en meepraten.

Benodigdheden (naast de gebruikelijke apparaten en internettoegang):

  • (altijd:) Een koptelefoon, oortjes of luidsprekers en een microfoon die alle verbonden zijn met het apparaat waarop men internet.
  • Voor video-bellen: ook een camera; dat mag een webcam zijn, één apparaatje dat zowel een camera als een microfoon heeft.
NB Op een laptop, smartphone en tablet kan het zijn dat er al een ingebouwde camera en microfoon zijn, dat is dan voldoende, die hoeven dan alleen maar aangezet te worden (uit privacy-overwegingen is het verstandig om die standaard uit te zetten, ook weer na afloop van teleconferentie).
  • Een internetprogramma waarmee men kan telefoneren en/of video-bellen. Vaak vind je die via bekenden die jou willen (video-)bellen. Meestal zul je dan de laatste versie van het programma op je pc of laptop moeten installeren of een app op je smartphone of tablet. Via een mail krijg je een link van degene die de bijeenkomst coördineert. Daarop klik je, op of een enkele minuut vóór het vermelde tijdstip, en als het goed is heb je dan verbinding.

Chatten

[bewerken]
Voorbeeld chatsessie

(protocollen: IRC en XMPP, maar ook er zijn er meer, zie Lijst van instant messengers op Wikipedia)

Chatten is over-en-weer communiceren via geschreven tekst via internet. De ene deelnemer aan de chat typt een tekst, drukt op <Enter> en de tekst verschijnt direct bij de andere deelnemer(s) in beeld. Een andere deelnemer kan er op reageren, en zo gaat het gesprek door totdat een conclusie is bereikt. Chatten wordt onder andere gebruikt door klantenservices en helpdesks. Experimenten met robots achter zo'n chat zijn meestal geen succes.

Technisch wordt vaak gebruik gemaakt van Instant messaging, een technologie waarbij berichten zeer snel kunnen worden overgebracht, sneller dan bij e-mail (ook WhatsApp maakt van deze technologie gebruik).

Software updaten

[bewerken]
Update beschikbaar

Regelmatig verschijnen er Updates van computerprogramma's op je eigen computer. Die hoeven zelfs niets met internet te maken te hebben, zoals een tekstverwerker. Er kan een bug zijn verholpen, een probleem met de beveiliging van het programma zijn opgelost en/of kleine andere verbeteringen zijn aangebracht. Het is belangrijk dat je computer up-to-date is, al is het maar om hackers en andere onverlaten zo min mogelijk kans te geven. Installeer updates daarom direct, binnen één dag.

Elk programma heeft zijn eigen manier van updates installeren:

  • Soms krijg je bericht als er een update klaar staat om geïnstalleerd te worden. Volg de aanwijzingen nauwkeurig op en meestal komt het dan goed.
  • Bij andere programma's (zoals besturingsprogramma's als Windows) gaat het meestal automatisch en moet je na afloop hooguit je computer opnieuw opstarten.

Bronnen en meer informatie

[bewerken]

Meer informatie:

Bronnen

  • De in de tekst vermelde links/websites; en:
  1. https://quoteinvestigator.com/2017/07/16/product/
  2. Let op: WeTransfer behoudt zich sinds zomer 2025 het recht voor om alles wat je verstuurt commercieel te gebruiken. Pas dus op met het versturen van privacy-gevoelig en auteursrechtelijk beschermd materiaal (zoals foto's, kunstwerken, ontwerpen, rapporten en andere schrijfsels)
  3. Bron en meer informatie: Fastusenet
Informatie afkomstig van Wikibooks NL, een onderdeel van de Wikimedia Foundation.