Wiskunde/Vergelijkingen en ongelijkheden/Eerstegraads
Uit Wikibooks
|
|
| Hoofdstukken | |
|
Eerstegraadsvergelijkingen zijn van de soort:
ax + b = c
waarbij a ongelijk is aan nul en de waarde van x moet worden gevonden. Bij deze vergelijkingen is er altijd precies 1 oplossing.
[bewerken] Oplossing
dit wordt simpel opgelost: ax + b = c
ax + b − b = c − b =
ax = c − b
ax / a = (c − b) / a
x = (c − b) / a
[bewerken] Voorbeeld
2x − 10 = 30
2x − 10 + 10 = 30 + 10
2x = 40
2x / 2 = 40 / 2
x = 20
[bewerken] Ongelijkheden
Er zijn ook zogenaamde ongelijkheden. Hierbij is een vergelijking groter (>) of kleiner (<) dan een een constante. Ze worden op dezelfde manier opgelost als gelijkheden, echter bij vermenigvuldiging of deling met een negatief getal verandert het ongelijkheidsteken. Met andere woorden als je een 'groter dan' teken had, wordt het nu een 'kleiner dan' teken en omgekeerd.
Zo'n ongelijkheid ziet er uit als:
- ax + b > c