Programmeren in C++/If functie

Uit Wikibooks

Ga naar: navigatie, zoek
  1. Inleiding Redelijk ontwikkeld. Revisiedatum: 26 december 2007

Leren programmeren

  1. De basis van C++ Redelijk ontwikkeld. Revisiedatum: 26 december 2007
  2. If-statement In ontwikkeling. Revisiedatum: 26 december 2007
  3. Lussen In ontwikkeling. Revisiedatum: 26 december 2007
  4. Functie In ontwikkeling. Revisiedatum: 26 december 2007
  5. Switch case Nog vrijwel niets. Revisiedatum: 26 december 2007
  6. Structuren Nog vrijwel niets. Revisiedatum: 26 december 2007
  7. Arrays Redelijk ontwikkeld. Revisiedatum: 26 december 2007
  8. Pointers Goed ontwikkeld. Revisiedatum: 26 december 2007
  9. Bestand invoer en uitvoer Nog vrijwel niets. Revisiedatum: 26 december 2007
  10. Gelinkte lijst Goed ontwikkeld. Revisiedatum: 26 december 2007

WSBN


TE DOEN

TE DOEN
wat? Herschikken, verdelen in kopjes
Sephiroth 29 dec 2007 23:49 (CET)

Het is belangrijk voor de programmeur om het verloop van een programma te kunnen beïnvloeden . Met het zogenaamde if-statement brengt de programmeur een voorwaardelijke instructie in het programma. Afhankelijk van een voorwaarde beslist het programma of bepaalde instructies al dan niet worden uitgevoerd. Een van de mogelijkheden van het if-statement is dat het kan worden gebruikt om het ingevoerde wachtwoord van de gebruiker te controleren en dan te beslissen of de gebruiker toegang mag krijgen tot het programma of niet.
Zonder zo’n functie als if zou een programma iedere keer bijna hetzelfde verloop hebben. Voordat we de structuur van een if functie gaan bespreken, laten we eens de betekenis van TRUE en FALSE in computer terminologie bestuderen. Een functie die TRUE als resultaat heeft zal dat uitdrukken in een getal die geen nul is. Een functie die FALSE heeft is nul. Wanneer je een vergelijking uitvoert, zal hij 1 als resultaat hebben wanneer de vergelijking TRUE is; of 0 als de vergelijking FALSE is.

C++-code:

 2 == 2;	// geeft een 1
 2 == 3;	// geeft als resultaat 0

Wanneer je programmeert zal je vaak de ene waarde moeten vergelijken met de andere om te zien welke er kleiner, groter of gelijk is. Er zijn een paar operatoren hiervoor: >, >= (groter dan of gelijk aan), <, <= (kleiner dan of gelijk aan), ==, != (niet gelijk aan).
Er is ook een else functie, die wordt uitgevoerd wanneer de if functie false is, laten we eens kijken naar beide hun structuur:

C++-code:

 if (...) {
   uit te voeren code wanneer de if functie TRUE is.
 }
 else {
   uit te voeren code wanneer de if functie FALSE is.
 }

Een van de mogelijkheden voor het gebruik van else is als je twee voorwaarden hebt die misschien alletwee TRUE zouden kunnen zijn, alleen wil je dat er maar stukje code wordt uitgevoerd. Je kan een else if functie gebruiken na een if, hierdoor zal wanneer die if functie TRUE is, de else if worden genegeerd, maar wanneer die if functie FALSE is zal de voorwaarde in de else if functie worden gecontroleerd. Laten we eens naar een simpel programma kijken:

C++-code:

 #include <iostream>
 
 using namespace std;
 
 int main() {				// Belangrijkste deel van het programma!
   int leeftijd;				// Variabele nodig...
 
   cout<<"Geef aub je leeftijd op: ";
   cin>> leeftijd;			// Invoer wordt in variabele leeftijd geplaatst
   cin.ignore();			// Negeer de enter
   if ( leeftijd < 100 ) {		// Als de leeftijd kleiner is dan 100
      cout<<"Je bent nogal jong!\n";	// Toont je dat het werkt
   }
   else if ( leeftijd == 100 ) {		// Als de leeftijd gelijk is aan 100
      cout<<"Je bent oud.\n";
   }
   else {
     cout<<"Je bent erg oud!\n";	// Wordt uitgevoerd wanneer geen enkele vorige functie TRUE is
   }
   cin.get();
 }

Met boolean operatoren kan je meer ingewikkelde voorwaarden schrijven. Bijvoorbeeld: als je wilt controleren of een variabele groter is dan vijf en kleiner dan tien, dan kun je boolean AND gebruiken. De C++ operatoren zijn niet: OR, AND of NOT, maar ||, && en !. De boolean operatoren functioneren op dezelfde manier als vergelijkingsoperatoren: elk stuurt 0 terug wanneer het resultaat FALSE is en 1 wanneer het TRUE is.
NOT: de NOT operator keert het resultaat van een voorwaarde om. Wanneer de voorwaarde FALSE is, zal de NOT operator daar TRUE van maken en omgekeerd. In C++ wordt not geschreven als !.
AND: AND geeft TRUE als resultaat wanneer alle voorwaarden TRUE zijn. De AND operator wordt geschreven als && in C++.
OR: Wanneer er maar één van de voorwaarden TRUE moet zijn gebruik je de OR operator. OR wordt geschreven als || in C++. Het is mogelijk om verschillende boolean operatoren te combineren in één regel. Bijvoorbeeld: !(1 && 0), dit wordt TRUE.

Heckert GNU.png Deze pagina is vrijgegeven onder de GNU Free Documentation License (GFDL) en nog niet onder CC-BY-SA. Klik hier voor meer informatie.

Wilt u deze tekst gebruiken onder de Creative Commons CC-BY-SA licentie?
Klik dan hier om te kijken van welke gebruikers u nog toestemming nodig heeft.

Informatie afkomstig van http://nl.wikibooks.org Wikibooks NL.
Wikibooks NL is onderdeel van de wikimediafoundation.
Persoonlijke instellingen