Nieuwgrieks/Les 1

Uit Wikibooks

Ga naar: navigatie, zoek

Voor je aan deze eerste les begint bekijk je best eerst Les 0 over het Alfabet en de Uitspraak.


Inhoud

[bewerken] Έξω από την τάξη

1 - Καλημέρα. Είμαι η Μαρία.

2 - Γεια σου. Εγώ είμαι ο Γιάννης.

3 - Από πού είσαι;

4 - Είμαι από την Ιταλία. Εσύ;

5 - Εγώ είμαι από το Βέλγιο. Τι κάνεις εδώ;

6 - Μαθαίνω ελληνικά.

7 - Κι εγώ. Τι ώρα αρχίζει το μάθημα;

8 - Σε λίγο. Η δασκάλα δεν είναι ακόμη εδώ.

9 - Πού είναι;

10 - Δεν ξέρω.

11 - Αυτή είναι η τάξη μας;

12 - Ναι, αυτή είναι.

13 - Νά ένας φίλος μου. Είναι και αυτός σπουδαστής.

14 - Νά η δασκάλα μας.

15 - Πάμε λοιπόν μέσα τώρα, το μάθημα αρχίζει.


[bewerken] Vertaling

Buiten aan de klas

1. Goedendag. Ik ben Maria.

2. Hallo. Ik ben Jan.

3. Van waar ben je?

4. Ik ben van Italië. Jij?

5. Ik ben van België. Wat doe je hier?

6. Ik leer Grieks.

7. Ik ook. Hoelaat (om welk uur) begint de les?

8. Dadelijk. De lerares is nog niet hier.

9. Waar is ze?

10. Ik weet (het) niet.

11. Is dat onze klas?

12. Ja, ze is (het).

13. Daar een vriend van mij. Hij is ook student.

14. Daar onze lerares.

15. We gaan dus nu naar binnen, de les begint.


[bewerken] Grammatica

[bewerken] enkele opmerkingen

  • Eigennamen hebben in het Grieks een lidwoord.
  • Eγώ en εσύ zijn de beklemtoonde vormen van "ik" en "jij". We gebruiken ze enkel als ze echt noodzakelijk zijn. In alle andere gevallen volstaan de werkwoordsuitgangen.
  • Kι of και is eigenlijk het voegwoord "en" maar het kan ook "ook" betekenen.
  • De woorden πώς "hoe" en πού "waar" zijn enkele van de weinige eenlettergrepige woordjes die een accent hebben.
  • Ook het woordje νά in 13 en 14 draagt een accent en betekent zoveel als "zie daar".


[bewerken] de geslachten

Het Grieks kent drie geslachten. Je herkent het geslacht aan het lidwoord en meestal ook aan de uitgang van het zelfstandig naamwoord:

o φίλος   "de vriend" (mannelijk)
η τάξη   "de klas" (vrouwelijk)
το μάθημα   "de les" (onzijdig)

De uitgang -α kan echter ook bij vrouwelijke woorden voorkomen: η δασκάλα (de lerares).


Overzicht

mannelijk: eindigt op -ος, -ας, -ης

vrouwelijk: eindigt op -α, -η

onzijdig: eindigt op -ο, -ι, μα


[bewerken] het werkwoord zijn

Dit werkwoord is onregelmatig. In volgende les bekijken we de uitgangen van een regelmatig werkwoord:

είμαι   zijn
Vertaling
1ste pers. Enk. είμαι ik ben
2de pers. Enk. είσαι jij bent
3de pers. Enk. είναι hij/zij/het is
1ste pers. Mv. είμαστε wij zijn
2de pers. Mv. είστε jullie zijn
3de pers. Mv. είναι zij zijn

Dit werkwoord heeft dezelfde vorm in de derde persoon enkelvoud en de derde persoon meervoud. Regelmatige werkwoorden kennen dit verschijnsel niet.


[bewerken] getallen

Leer de getallen van 0 tot 9 op de pagina over de telwoorden.


Les 0   ←   →   Les 2


>> Nieuwgrieks >> Les 1

Informatie afkomstig van http://nl.wikibooks.org Wikibooks NL.
Wikibooks NL is onderdeel van de wikimediafoundation.
Persoonlijke instellingen