Autisme/Werkbladen/Karakter
Uit Wikibooks
Inhoud |
[bewerken] Opdrachten (1)
1. Bespreek met je GON-begeleider wat karakter is. Wat is karakter?
2. Mijn ouders zeggen dat ik de volgende eigenschappen heb:
3. Andere jongen zeggen dat ik de volgende eigenschappen heb:
4. Hieronder zie je een aantal eigenschappen. Welke vind je bij jezelf passen? Onderstreep ze!
|
|
|
5. Hieronder zie je een aantal menstypes. Omcirkel de hokjes van de eigenschappen waarvan je vindt dat ze bij jou passen.
Type 1: sociaal type
- Ik die het liefst iets met anderen samen
- Ik houd van kletsen met anderen
- Ik ga veel naar feestjes
- Ik vind het belangrijk om te weten wat anderen van mij vinden
- Ik wil later een beroep waarin ik veel in een team moet werken
- Ik probeer altijd ruzie te voorkomen
- Ik vind het leuk om aan anderen te vertellen wat ik denk
Type 2: intellectueel type
- Ik bepaal het liefste zelf wat ik ga doen
- Ik wil graag met rust gelaten worden
- Ik wil een beroep waarin ik veel alleen kan werken en mijn eigen ideeën kan toepassen
- Ik wil vooral snappen hoe de wereld in elkaar zit
- Ik vind andere mensen vaak heel onlogisch
- Als anderen een mening hebben dan ik, boeit me dat niet
- Als anderen iets van me willen weten, moeten ze dat maar vragen
Type 3: doener
- Ik heb een hekel aan stil zitten
- Ik maak graag iets met mijn handen
- Als ik veel binnen zit, word ik moe
- Ik hou van sport
- Ik hou niet van lezen
- Ik vind het leuk om met anderen iets te doen
- Ik ben niet zo'n prater
Bij type 1 heb ik ________ hokjes ingevuld.
Bij type 2 heb ik ________ hokjes ingevuld.
Bij type 3 heb ik ________ hokjes ingevuld
Welk type past het best bij mij?
- 1. Sociaal type
- 2. Intellectueel type
- 3. Doener
[bewerken] Leesblok
[bewerken] Sociaal type
Kan niet zonder anderen, houdt van aandacht, deelt graag, is emotioneel.
[bewerken] Intellectueel type
Gebruikt graag het verstand, denkt heel feitelijk, is gericht op informatie verzamelen, vindt de gevoelens van anderen soms maar lastig.
[bewerken] Doener
Houdt van actie en bewegen, wil graag dat dingen nuttig en tastbaar zijn, een concreet product oplevert.
[bewerken] Opdrachten (2)
6. Herken je jezelf in het type waar je bij opdracht 5 bent terechtgekomen? Leg uit wat je wel en niet herkent en ook waarom.