Analyse/Differentiatie toepassingen
Uit Wikibooks
Nota bene: Aan dit artikel wordt momenteel nog hard gewerkt.
[bewerken] Extreme Waarden
In de afbeelding hiernaast is weergegeven:
- De functie f(x) = x3 − 3x2 + 2 (blauw).
- Haar eerste afgeleide: f'(x) = 3x2 − 6x (rood).
In de blauwe grafiek zijn twee extreme waarden (ook: toppen) te zien: een maximum aan de linkerkant en een minimum aan de rechterkant. De x-waarden van deze extremen zijn te bepalen met behulp van de eerste afgeleide, door deze afgeleide gelijk te stellen aan 0:
Deze vergelijking is met behulp van de wortelformule op te lossen voor x:
De x-coördinaten van de toppen van de grafiek zijn dus 0 en 2. Door deze waarden in te vullen in f is het mogelijk de exacte coördinaten van de toppen van de grafiek te bepalen. Deze zijn: (0,2) en (2,-2).
[bewerken] Een Raakpunt Bepalen
De grafieken van de formules f(x) en g(x) raken elkaar in een punt als geldt:
[bewerken] Toepassing van het Raakpunt (I)
Gegeven is de functie f(x) = x − ln(x). Bepaal alle a, waarvoor geldt dat f(x) = ax − 1 geen oplossingen heeft.
Wanneer je de grafiek van f bekijkt, blijkt dat er een waarde van a bestaat, zodat de vergelijking juist één oplossing heeft. Dit is het punt waarin de grafiek van f juist raakt aan de lijn ax − 1. Er valt op, dat voor kleinere a, dus een minder stijle lijn, de vergelijking geen oplossing heeft, terwijl voor grotere a de vergelijking altijd tenminste één oplossing heeft.
We kunnen de x-coördinaat van het snijpunt berekenen door gebruik te maken van bovenstaande regel:
Dit levert het volgende stelsel van vergelijkingen:
Oplossen van dit stelsel levert x = e2.
In dit punt geldt dat f'(x) = a, dus
.
De vergelijking f(x) = ax − 1 heeft dus geen oplossingen voor
.
| Deze pagina is vrijgegeven onder de GNU Free Documentation License (GFDL) en nog niet onder CC-BY-SA. Klik hier voor meer informatie.
Wilt u deze tekst gebruiken onder de Creative Commons CC-BY-SA licentie? |




